Let op deeltijders bij inhoudingen in 2017

Als er per 1 januari 2017 een maximum is voor het bedrag dat werkgevers rechtstreeks uit het loon van hun werknemers mogen betalen aan de verhuurder en nutsbedrijven, moeten ze vooral niet vergeten om rekening te houden met deeltijdwerknemers.

6 september 2016 | Door redactie

Door de invoering van de Wet aanpak schijnconstructies (WAS) mogen werkgevers per 1 januari 2017 maximaal 25% van het wettelijk minimumloon op het loon van een werknemer inhouden en betalen aan de verhuurder van de woning van de werknemer en de leveranciers van gas, elektriciteit en water. Daarbij gelden niet voor alle werknemers dezelfde bedragen. Voor deeltijders geldt namelijk het zogenoemde deeltijd-minimumloon. Werkgevers moeten ook een schriftelijke volmacht hebben en voldoen aan administratieve verplichtingen.

Deeltijd-minimumloon is leidend

Bij een werknemer die fulltime werkt en het volledige minimumloon (tools) verdient (in de tweede helft van 2016: € 1.537,20), mag de werkgever per maand maximaal € 384,30 inhouden en rechtstreeks betalen aan de verhuurder en nutsbedrijven. Voor deeltijders werkt dat anders. Stel dat een werknemer 18 uur per week werkt in een organisatie waar een fulltime werkweek 36 uur bedraagt. Zijn werkgever mag dan voor hem nog maar € 192,15 inhouden. Als beide werknemers per maand € 250 aan huur moeten betalen, mag de werkgever dat per 2017 dus voor de fulltime werknemer wél rechtstreeks betalen, maar voor de parttimer niet.