BIK van de baan; budget gebruikt voor lagere Awf-premie

Het demissionaire kabinet komt binnenkort met een wetsvoorstel om de baangerelateerde investeringskorting (BIK) in te trekken met terugwerkende kracht tot en met 1 januari 2021. Het al gereserveerde budget voor de BIK wil het kabinet inzetten voor een verlaging van de Awf-premie in 2021.

31 mei 2021 | Door redactie

Op Prinsjesdag 2020 kondigde het kabinet de baangerelateerde investeringskorting (BIK) aan. Met de BIK mag een organisatie een percentage van de gedane investeringen in mindering brengen op de af te dragen loonbelasting/premie volksverzekeringen in de aangifte loonheffingen. Deze nieuwe afdrachtvermindering trad per 1 januari 2021 als crisismaatregel in werking voor een periode van twee jaar. Het onderdeel voor de fiscale eenheid zou het kabinet later regelen, omdat het kabinet eerst van de Europese Commissie zekerheid wilde krijgen dat de regeling als geoorloofde staatssteun zou worden beschouwd. Nu blijkt uit informeel overleg dat de Europese Commissie twijfelt of inderdaad sprake is van geoorloofde staatssteun. Niet alleen voor het onderdeel voor de fiscale eenheid, maar voor de gehele BIK. 

Ongewenste, onzekere situatie ontstaan

De kans op een positief oordeel van de Europese Commissie over de BIK is nu onzeker geworden en een uiteindelijk oordeel van de Europese rechter zal nog jaren op zich laten wachten. Een ongewenste situatie, vindt het kabinet. Daarom komt het kabinet binnenkort met een wetsvoorstel om de BIK in te trekken met terugwerkende kracht tot 1 januari 2021. De Tweede en Eerste Kamer zullen daarmee akkoord moeten gaan. Wat precies de gevolgen zijn voor de werkgever die al aanspraak heeft gemaakt op de BIK, wordt niet duidelijk in de kabinetsbrief (pdf). 

WW-premies omlaag in 2021

Om het budget op een andere manier zo snel mogelijk in te zetten, stelt het kabinet voor om de premie voor het Algemeen werkloosheidsfonds (Awf) voor werkgevers nog in 2021 te verlagen, zo mogelijk per 1 augustus. Hoe dit precies uitpakt voor de lage en hoge WW-premie wordt op een later moment gepubliceerd in een ministeriële regeling.