Hoe willekeurig afschrijven bij gebroken boekjaar?

13 juni 2024 | Door redactie

De Kennisgroep winstfaciliteiten en firmaproblematiek van de Belastingdienst heeft een standpunt gepubliceerd over de toepassing van de tijdelijke willekeurige afschrijving uit 2023 in het geval van een gebroken boekjaar. Hoe moet de afschrijving dan worden bepaald?

In 2023 mochten ondernemers voor de inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting tijdelijk willekeurig afschrijven. Als zij dat jaar investeerden in een bedrijfsmiddel, mocht er eenmalig tot 50% van het investeringsbedrag willekeurig worden afgeschreven (artikel). Naar aanleiding hiervan zijn er vragen opgekomen over het tijdstip van investeren en betalen in combinatie met een gebroken boekjaar. De Kennisgroep heeft hier aan de hand van een casuspositie meer duidelijkheid over gegeven.

Voorbeeldcasus met gebroken boekjaar en willekeurige afschrijving

In deze voorbeeldcasus gaat het om een onderneming met een gebroken boekjaar. Dit boekjaar loopt van 1 mei tot en met 30 april. Op 1 februari 2023 investeert de ondernemer in een machine van € 100.000. Op 1 februari 2024 neemt hij de machine in gebruik. Op 1 april 2023 heeft de ondernemer € 10.000 betaald, in december 2023 betaalt hij ook nog eens € 10.000 en op 1 februari 2024 betaalt hij het restantbedrag van € 80.000. Mag de ondernemer nu willekeurig afschrijven en zo ja over welke bedragen precies en in welk boekjaar? De Kennisgroep geeft aan dat de ondernemer de willekeurige afschrijving kan toepassen. Er kan in het boekjaar 2022/2023 tot maximaal € 10.000 in aanmerking worden genomen als willekeurige afschrijving want er moet worden uitgegaan van de betalingen in het kalenderjaar. De ondernemer kan over de in december 2023 gedane betaling van € 10.000 de willekeurige afschrijving ook toepassen maar wel pas in het boekjaar 2023/2024.

Geen toepassing willekeurige afschrijving

De Kennisgroep antwoordde tot slot ontkennend op de vraag of de ondernemer over de betaling van € 80.000 de willekeurige afschrijving kon toepassen. Deze derde (slot)betaling ligt buiten het kalenderjaar 2023 zodat er geen recht bestaat op toepassing van de regeling, ook al valt de betaling binnen het boekjaar 2023/2024.

Bijlagen bij dit bericht