Verwerken van vingerafdrukken levert bedrijf boete op

Een bedrijf heeft van de Autoriteit Persoonsgegevens een boete gekregen voor het gebruiken van vingerafdrukken van werknemers. Een vingerafdrukscan mag alleen als er geen alternatieven zijn en de werknemer uitdrukkelijk toestemming heeft gegeven.

1 mei 2020 | Door redactie

De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) heeft de werkgever een boete van € 725.000 opgelegd omdat hij geen geldige reden had om vingerafdrukken van zijn werknemers te gebruiken. Werknemers moesten hun vingerafdrukken scannen voor aanwezigheids- en tijdsregistratie. Maar vingerafdrukken vallen als biometrische persoonsgegevens onder de bijzondere persoonsgegevens en deze categorie gegevens zijn extra beschermd. Een organisatie mag vingerafdrukken in principe niet gebruiken, tenzij er sprake is van één van de twee uitzonderingen in de wet: de werkgever heeft de betrokkenen uitdrukkelijk om toestemming gevraagd óf het gebruik van vingerafdrukken is noodzakelijk voor authenticatie of beveiligingsdoeleinden. Na onderzoek concludeerde de AP dat het bedrijf zich niet kon beroepen op één van deze uitzonderingen.

Vingerafdruk alleen toegestaan als er geen andere mogelijkheden zijn

Een werkgever mag alleen gebruikmaken van biometrie als er geen enkele andere mogelijkheid is om het doel te bereiken. Dit kan het geval zijn als er een hoog veiligheidsrisico is, bijvoorbeeld bij toegangscontrole voor een kerncentrale. Heeft de werkgever andere, minder ingrijpende alternatieven voorhanden dan het opvragen van vingerafdrukken, zoals een toegangscode, dan moet de werkgever deze toepassen. Eind vorig jaar kondigden al meerdere winkels na een uitspraak van de rechter aan om te stoppen met het gebruik van omstreden vingerscansystemen.

Werknemer moet vrij zijn om toestemming te geven

Daarnaast mag een werkgever niet zomaar aan zijn werknemers om toestemming vragen om hun vingerafdruk te verwerken. De Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) stelt hieraan strenge eisen. Omdat werknemers afhankelijk zijn van hun werkgever, zijn zij vaak niet in een positie om het verzoek te weigeren. De organisatie kon niet aantonen dat werknemers uitdrukkelijke toestemming hadden verleend. Bovendien hadden werknemers het vastleggen van hun vingerafdruk als een verplichting ervaren. Het bedrijf gaat in bezwaar tegen de uitspraak van de AP.

Bijlagen bij dit bericht