Kosten vrijwilligers niet zomaar aftrekken

Het is alleen mogelijk om de fictieve personeelskosten van vrijwilligers in aftrek te brengen van uw winst, als zij het merendeel van de arbeid hebben verricht. Volgens de rechtbank was dit niet het geval voor een stichting die een kringloopwinkel exploiteerde. De aftrek van de fictieve personeelskosten werd daarom teruggedraaid.

5 november 2015 | Door redactie

In de kringloopwinkel van de stichting werkten zowel vrijwilligers als betaalde krachten. Er waren meer vrijwilligers in dienst dan werknemers, namelijk 34 vrijwilligers tegenover 11 werknemers. In de aangifte vennootschapsbelasting (tool) van de stichting waren de fictieve personeelskosten van de vrijwilligers daarom in aftrek gebracht. De inspecteur had de aftrek echter geweigerd, waarop de stichting naar de rechter stapte. Volgens haar was het hoofdzakelijke deel van de winst namelijk behaald door de inzet van vrijwilligers

Merendeel arbeid niet verricht door vrijwilligers

Rechtbank Gelderland was het eens met de inspecteur. De aftrek van de fictieve personeelskosten was onterecht, omdat de vrijwilligers 8.410 uur hadden gewerkt, terwijl de vaste werknemers 13.896 uur hadden gewerkt. Volgens de rechterbank zou echter minstens 70% van de arbeid verricht moeten worden door vrijwilligers om te voldoen aan het belangrijkste criterium uit de Wet op de vennootschapsbelasting 1969, namelijk dat de winst hoofdzakelijk is behaald door de arbeid van vrijwilligers. Dat was hier duidelijk niet het geval. Daarnaast kan alleen een algemeen nut beogende instelling (tool) of sociaal belang behartigende instelling (tool) in aanmerking komen voor de aftrek van fictieve personeelskosten en de stichting was geen van beide.
Rechtbank Gelderland, 27 oktober 2015, ECLI (verkort): 6570