Provincies verantwoordelijk voor monumenten

Is uw organisatie gehuisvest in een monumentaal pand? En is deze eigendom van de organisatie? Dan bepaalt voortaan het provinciebestuur of uw organisatie in aanmerking komt voor subsidie voor het behoud van het rijksmonument. Staatssectretaris Zijlstra van Cultuur en Elvira Sweet, portefeuillehouder cultuur van het Inter Provinciaaloverleg (IPO) hebben onlangs afspraken gemaakt over de invulling van de rijksbijdragen voor restauraties.

7 maart 2012 | Door redactie

Sinds 2012 zijn nog maar 80% van de onderhoudskosten aan monumenten aftrekbaar. Met de komst van de Geefwet is ook de mogelijkheid tot aftrek van de eigenaarslasten en afschrijvingen komen te vervallen. Als bestuurder bent u zelf verantwoordelijk voor de kosten en het onderhoud aan het pand waarin uw non-profitorganisatie is gevestigd. Als dat een monumentaal pand betreft, kunt nog maar een deel van de kosten als aftrekpost opvoeren. Maar als het pand een rijksmonument is, kunt u mogelijk  nog weleen beroep doen op de provincie. Jaarlijks stort het rijk € 20 miljoen in het provinciefonds, waarna de provinciebestuurders bepalen welke rijksmonumenten voor restauratie in aanmerking komen.

Beter voor vakmanschap en werkgelegenheid in de bouw

Na een succesvolle proef wordt de regie van het restauratiebeleid voortaan niet meer uitgevoerd door het Rijk maar door de provincies. Dat is gunstig, want de provincies wisten de afgelopen drie jaar de rijksbijdrage voor restauraties fors te verhogen door bijdragen uit de private sector. Bijkomend voordeel is dat de restauraties de werkgelegenheid en het vakmanschap in de bouwsector kunnen bevorderen.  In het dossier over de Geefwet, dat binnenkort verschijnt, kunt u meer lezen over de fiscale aftrek van onderhoudskosten voor monumentale panden.