Betaalt werkgever gehoorschade werknemer?

Een werkgever kan aansprakelijk zijn voor de gehoorschade die een werknemer oploopt, ook als hij pas jaren later hiervoor een zaak begint. Dit blijkt uit een uitspraak van Rechtbank Den Haag.

24 maart 2016 | Door redactie

Loopt een werknemer schade op aan zijn gezondheid en wil hij zijn werkgever hiervoor aansprakelijk stellen, dan moet hij bewijzen dat de schade is ontstaan doordat de werkgever zijn zorgplicht voor de arbeidsomstandigheden niet in acht heeft genomen. Recent wist een werknemer van een bakkerij dit voor elkaar te krijgen. De werkgever – die zonder succes stelde dat de claim te laat was ingediend – moest daardoor diep in de buidel tasten.

Tinnitus als beroepsziekte vanwege lawaai

De werknemer ging in 2000 voor het eerst langs de huisarts voor oorsuizen. Daarna meldde hij zich vaker bij artsen met klachten. In 2007 stelde een arts gehoorverlies vast. Lawaaibelasting (tool) was mogelijk de oorzaak. Na een lang traject werd de werknemer in 2010 volledig arbeidsongeschikt verklaard. Zijn contract werd beëindigd en hij ging de WIA in.
In 2011 meldde vakbond FNV aan de werkgever te gaan onderzoeken of er sprake was van een beroepsziekte. Volgens medisch adviseurs was dit het geval: de gehoorproblemen stonden in relatie met een overschrijding van de geluidsnormen op het werk. In 2012 volgde een aansprakelijkstelling.

Rol van verjaringstermijn voor aansprakelijkstelling

De werknemer moest in principe binnen vijf jaar nadat hij bekend was geworden met de schade en de aansprakelijke persoon de vordering tot schadevergoeding indienen. Volgens de werkgever was die vijf jaar voorbij, omdat de werknemer al in 2000 een arts had bezocht voor z’n gehoor. De rechter vond dat de werknemer pas in 2011 voldoende zekerheid had voor een vordering. Voor die tijd was het onzeker of de gehoorproblemen door het werk kwamen. Ook ontstond de arbeidsongeschiktheid pas in 2008. Omdat verder uit gegevens van Inspectie SZW bleek dat de geluidsnormen waren overtreden en de werkgever te laat geluidsbescherming had aangeboden, moest hij als voorschot op de nog te bepalen schadevergoeding (tool) € 20.000 betalen.
Rechtbank Den Haag, 3 februari 2016, ECLI (verkort): 921