Kledingvoorschrift: korte rokjes zijn verboden

Onlangs ontstond er commotie binnen de gemeente Amsterdam toen de werkneemsters een e-mail kregen waarin stond dat zij geen korte rokjes of knielaarzen mochten dragen. Een werkgever mag kledingvoorschriften opstellen, maar hij moet wel rekening houden met de grondrechten van werknemers en mag niet discrimineren. De ondernemingsraad (OR) kan helpen om hierin een middenweg te vinden.

29 maart 2016 | Door redactie

In een e-mail kregen werkneemsters te horen dat zij niet langer een rok of jurk mogen dragen die korter is dan net boven de knie. Daarbij gaf de teamleider ook aan dat knielaarzen niet gepast zijn aan de balie. Zou het toch gebeuren, dan zou de teamleider die mensen naar huis sturen. De centrale ondernemingsraad (COR) heeft klachten ontvangen van de werknemers over de kledingvoorschriften (tools) en onderzoekt het verbod. De COR vindt het niet gek dat baliemedewerkers zich representatief moeten kleden, maar vindt dit verbod te ver gaan.

Kleding moet professioneel en representatief zijn

Ook politieke partij D66 vindt het vreemd dat dit stadsdeel van Amsterdam er andere kledingeisen op na wil houden dan andere delen van de gemeente. Volgens de gemeente Amsterdam mogen de vrouwelijke ambtenaren ook in dit stadsdeel dragen wat zij willen, zolang dat professioneel en representatief is. De strenge eisen zouden zijn ontstaan nadat een werkneemster een wel héél kort rokje aanhad.

OR betrekken bij opstellen van kledingvoorschriften

Werkgevers hebben een instructiebevoegdheid richting de werknemers en kunnen regels voor kleding en uiterlijk vastleggen in de arbeidsovereenkomst of het bedrijfsreglement. Kledingvoorschriften zijn toegestaan als er sprake is van een zwaarwegend bedrijfsbelang (veiligheid, hygiëne, huisstijl). Werkgevers moeten wel altijd rekening houden met de grondrechten en discriminatie voorkomen. Het is slim om de OR te betrekken bij het opstellen van kledingvoorschriften (tool). De OR heeft geen instemmingsrecht, maar kan wel helpen bij het creëren van draagvlak en het vinden van redelijke eisen. Het College voor de Rechten van de Mens en de rechter kunnen toetsen of de kledingvoorschriften in verhouding staan tot het bedrijfsbelang.