Nederland kent een flink leger aan zzp’ers. Soms voldoet hun arbeidssituatie echter aan de kenmerken van een arbeidsovereenkomst. Aan deze schijnzelfstandigheid (video) wil de overheid door middel van wet- en regelgeving een einde maken. Het nieuwste wapen in deze strijd is de Wet invoering rechtsvermoeden van arbeidsovereenkomst op basis van uurtarief, die het vanaf 31 december 2026 voor laagbetaalde zzp’ers makkelijker moet maken om een arbeidsovereenkomst te claimen.
Als een zzp’er bij een opdracht in feite gewoon een werknemer is, draagt de werkgever daarvoor ten onrechte geen loonheffingen af. Hierdoor loopt de Haagse schatkist inkomsten mis. Op menselijk vlak is het gevolg dat de schijnzelfstandige werknemersrechten mist.
Een zzp’er heeft namelijk geen recht op zaken zoals het minimumuurloon, loondoorbetaling bij ziekte, ontslagbescherming en bepaalde vormen van sociale zekerheid (zoals een WW-, ZW- of WIA-uitkering). Maar bijvoorbeeld ook geen recht op pensioen als dat in de cao of sector voor werknemers is afgesproken.
Een laag uurtarief kan een aanwijzing zijn dat iemand onvoldoende onderhandelingsmacht had
Z