Werknemer krijgt recht werktijden te wijzigen

Het initiatiefvoorstel Flexibel werken is door de Tweede Kamer. Als ook de Eerste Kamer instemt, krijgen werknemers straks het recht om een verzoek in te dienen bij hun werkgever voor andere werktijden of een andere werkplaats. Uw bestuurder mag dat verzoek niet zomaar weigeren.

20 oktober 2014 | Door redactie

Hoewel werknemers niet automatisch het recht krijgen om op andere tijden of bijvoorbeeld thuis te werken, krijgen ze wel het recht om hiertoe een verzoek in te dienen. De werkgever mag een verzoek om op andere tijden te werken afwijzen als hij daarvoor een zwaarwegend bedrijfsbelang heeft. Daarvan is sprake als de nieuwe werktijden de veiligheid in gevaar brengen of als het leidt tot financiële, organisatorische of roostertechnische problemen. Voor het afwijzen van een verzoek om thuis te werken, heeft hij geen zwaarwegend belang nodig. Hij moet de afwijzing wel onderbouwen.

Rol van de ondernemingsraad wordt groter

De OR of PVT heeft instemmingsrecht als de bestuurder een werktijdregeling wijzigt, intrekt of invoert (artikel 27 lid 1b WOR). Nu de wet op dit gebied verandert en werknemers daarmee een sterkere positie krijgen, betekent dat niet dat bedrijfsregelingen die stellen dat werknemers bijvoorbeeld tussen 07.00 en 09.00 uur op werk moeten verschijnen ineens onwettig zijn. Het is wel zo dat werknemers straks een verzoek kunnen indienen om af te wijken van zo’n bedrijfsregeling. Zonder goede reden, kan de bestuurder dat verzoek niet weigeren.

Wet flexibel werken naar de Eerste Kamer

De Tweede Kamer gaf deze week ook akkoord voor de aanpassingen in de Wet arbeid en zorg (WAZO) en de Wet aanpassing arbeidsduur (WAA). Deze aanpassingen behoren tot het wetsvoorstel Modernisering regelingen voor verlof en arbeidstijden waar het wetsvoorstel Flexibel werken in samenhang mee wordt behandeld. De wetten gaan nu langs de Eerste Kamer. Het is nog onduidelijk wanneer ze in werking treden.