Bijtelling voor 0%-auto zonder rittenregistratie

Heeft uw werknemer een auto van de zaak in de 0%-categorie en gebruikt hij deze niet privé? Dan moet u toch een overtuigende rittenregistratie kunnen overleggen, anders riskeert u alsnog een fikse bijtelling en een naheffingsaanslag. Volgens de rechter is ‘0% bijtelling’ niet hetzelfde als ‘geen bijtelling’.

8 mei 2015 | Door redactie

Een werknemer reed in 2013 in twee verschillende auto’s van de zaak. In de eerste helft van het jaar reed hij een auto met 25% bijtelling. Hij had hiervoor een Verklaring geen privégebruik en kon met een rittenregistratie aantonen dat hij de auto niet privé had gereden. In de tweede helft stelde zijn werkgever hem een elektrisch aangedreven auto ter beschikking, met 0% bijtelling. De werknemer hield voor het gebruik van deze auto geen rittenregistratie bij. Hij werd dan ook onaangenaam verrast toen hij toch een naheffingsaanslag kreeg opgelegd. 

Rittenregistratie voor 0%-bijtelling is niet zinloos

Dit vond de werknemer onrechtvaardig. Voor de rechter stelde hij dat het bijhouden van een rittenregistratie voor een auto met 0%-bijtelling een zinloze exercitie zou zijn geweest. Ook al zou hij de auto privé hebben gebruikt, dan zou dit gebruik alsnog niet tot bijtelling hebben kunnen leiden. De rechter was echter niet gevoelig voor die argumentatie. Volgens de wet moet een werknemer die een auto met 0% bijtelling rijdt, toch een rittenregistratie bijhouden om aan te tonen dat hij de auto niet privé heeft gebruikt. Doet hij dit niet, dan leidt dit tot een bijtelling. 

Bijtelling rekenen geldt voor een heel jaar

De verplichting om een rittenregistratie bij te houden, geldt bovendien voor een heel kalenderjaar. Aangezien de werknemer slechts alleen over de eerste helft van het jaar de kilometers had bijgehouden en deze gegevens over de tweede helft van jaar ontbraken, had de inspecteur terecht een naheffingsaanslag opgelegd.
Rechtbank Noord-Holland, 30 april 2015, ECLI (verkort): 3501