Impact van corona op de auto van de zaak

De coronacrisis laat ook zijn sporen na op de auto van de zaak. Zo zijn de looptijden van zakelijke leasecontracten vorig jaar licht opgelopen. Het ligt voor de hand dat werkgevers de contracten liever even verlengen dan een nieuw contract af te sluiten. Werkgevers kijken vanwege het vele thuiswerken ook naar alternatieven voor de klassieke zakenauto.

21 mei 2021 | Door redactie

Dat corona impact heeft op het verkeer zal iedere zakelijke rijder die nu eens niet elke morgen in de file staat kunnen beamen. Cijfers van de Vereniging van Nederlandse Autoleasemaatschappijen (VNA) laten dat ook zien: de gemiddelde auto van de zaak heeft in 2020 daadwerkelijk 1.700 kilometers minder afgelegd dan in 2019.

Bijtelling geldt tot 60 maanden na registratie

Uit hetzelfde VNA-rapport blijkt dat de gemiddelde looptijd van zakelijke leasecontracten in 2020 is opgelopen. Voor alle lopende contracten was de theoretische looptijd vorig jaar 48,3 maanden, tegen 47,7 maanden in 2019. Mogelijk ligt er een oorzaak voor die lichte stijging in het verlengen van lopende contracten. Vanuit leasemaatschappijen is er vorig jaar actief op gewezen dat verlenging van het leasecontract een optie is. En ook werkgevers zullen er midden in het coronatumult huiverig voor zijn geweest om zich vast te leggen op nieuwe langlopende contracten. Dan is een verlenging een flexibelere optie. Een laag bijtellingspercentage (tool) voor de auto van de zaak geldt tot vijf jaar na de registratie. Een verlenging van het contract van vier naar vijf jaar is dus nog mogelijk zonder direct fiscaal nadeel. Bovendien kunnen de maandlasten dalen door de langere looptijd.

Klassieke auto van de zaak minder vanzelfsprekend

Maar naast de eerste ingrepen om flexibiliteit te behouden denken werkgevers ook na over de toekomst van hun wagenpark in het algemeen. Zeker nu onderzoek na onderzoek laat zien dat werknemers ook ‘na’ corona graag méér willen blijven thuiswerken.
Het VNA-onderzoek (pdf) laat zien dat het aantal zakelijke geleasete personenauto’s in 2020 met 2,1% is gedaald naar 724.800. Dat het totale leasewagenpark nog groeit, is te danken aan de groei in bestelauto’s en vooral in private lease. Een rondgang van Nieuwsuur onder 23 grote ondernemingen laat zien dat de klassieke auto van de zaak steeds minder vanzelfsprekend is. Zo moeten werknemers vaak een minimumaantal kilometers per jaar rijden om een auto van de zaak te kunnen krijgen. Door het vele thuiswerken en videovergaderen wordt die grens niet altijd meer gehaald. Werknemers willen soms ook zelf af van de leaseauto, omdat ze minder rijden maar wel dezelfde kosten houden. Ook werken meer werkgevers met een ‘pool’ van auto’s. Werknemers kunnen de wagen meenemen als ze naar een klant moeten maar krijgen geen eigen auto van de zaak meer. Al met al zal het wagenpark in de toekomst krimpen, verwachten de ondervraagde ondernemingen.

Private lease met een mobiliteitsbudget

Een andere optie is dat de werknemer zelf een auto regelt via private lease. De werkgever kan een mobiliteitsbudget (artikel) geven waarmee de werknemer (een deel van) de kosten dekt. De Vereniging Zakelijke Rijders (VZR) meldde vorig jaar na onderzoek dat zakelijke rijders nog niet echt warmlopen voor deze constructie. Slechts 2% van de ondervraagden gebruikte toen een private-leaseauto voor zakelijke ritten. De VZR wijst er ook op dat private lease een langlopende financiële verplichting is voor de werknemer, die bij het BKR wordt geregistreerd. Ook vindt de VZR het ‘geen positieve ontwikkeling’ dat de verantwoordelijkheid voor zakelijke mobiliteit zo verschuift van werkgever naar werknemer.