Meer dan één auto per werknemer? Bijtelling veranderd

Heeft een werknemer twee of meer auto’s van de zaak tegelijk ter beschikking, maar hoeft de werkgever niet voor alle auto’s bij te tellen? Dan moet de werkgever per 2021 rekening houden met de auto(s) met de hoogste bijtelling. Eerder ging het om de hoogste cataloguswaarde.

24 maart 2021 | Door redactie

Als een werknemer een auto van de zaak rijdt, moet de werkgever voor het privégebruik rekening houden met een bijtelling bij het loon. De bijtelling kan achterwege blijven als de werknemer in een kalenderjaar maximaal 500 kilometer privé rijdt. Als een werknemer meer dan één auto van de zaak gelijktijdig ter beschikking heeft, moet de werkgever in principe de bijtelling toepassen voor elke auto waarmee de werknemer binnen één kalenderjaar meer dan 500 privékilometers rijdt. Hoeft hij niet voor alle auto’s bij te tellen, dan neemt de werkgever sinds 2021 hiervoor de auto(‘s) met de hoogste bijtelling. Voorheen telde hij bij voor de auto(’s) met de hoogste cataloguswaarde.

Aantal auto’s die meetellen voor de bijtelling hangt af van aantal rijbewijzen gezin werknemer

Bij meer dan 500 privékilometers in meerdere auto’s van de zaak, moet de werkgever bij de bijtelling rekening houden met het aantal rijbewijzen in het gezin. In principe telt de werkgever voor evenveel auto’s bij als er rijbewijzen zijn. Zijn er in het gezin van de werknemer twee mensen met een rijbewijs, dan telt de werkgever bij voor de twee auto’s met de hoogste bijtelling. Maar is een werknemer alleenstaand of heeft in zijn gezin maar één persoon een rijbewijs, dan houdt de werkgever alleen rekening met de auto met de hoogste bijtelling.

Privéauto net zo geschikt als de zakelijke auto? Dan minder bijtelling

Als de werknemer één of meer privéauto’s heeft die voor privégebruik net zo geschikt zijn als de zakelijke auto's, mag de werkgever het aantal auto’s waarvoor de bijtelling geldt met één verlagen. Stelt de Belastingdienst vast dat een werknemer toch over meer dan één of meer dan twee auto’s moet bijtellen, dan moet de Belastingdienst zelf aantonen waarom. Daarbij houden ze rekening met eventuele privéauto’s van de werknemer, die voor privégebruik net zo geschikt zijn als één van de zakelijke auto’s. Twijfelt een werkgever voor hoeveel auto’s hij moet bijtellen, dan kan hij contact opnemen met Belastingdienst/team Auto/PGA, Postbus 4660, 8000 KA Zwolle.