Jaarlijks ontruiming oefenen goede vuistregel

In de Arbowet staat niet hoe vaak een ontruiming moet worden geoefend. Eén keer per jaar lijkt een goede vuistregel. Bij grote risico’s is het raadzaam om vaker te oefenen. Het kan nodig zijn hierbij een externe deskundige in te schakelen.

29 december 2020 | Door redactie

Een ontruiming verloopt niet vanzelf gesmeerd. Het beste is dus om deze regelmatig te oefenen. Vroeger stond in het Arbobesluit de verplichting om dit jaarlijks te doen. Die bepaling is verdwenen, maar jaarlijks oefenen blijft een goede aanbeveling. Er zijn diverse situaties waarin de bhv’ers in actie moeten komen (tool). Bij oefeningen moet de arboverantwoordelijke goed kijken welke situatie hij nabootst en wat daarbij precies geoefend wordt. Het kan dus zijn dat hij verschillende oefeningen moet houden.

Verschillende bhv-oefeningen

Er zijn in ieder geval de volgende soorten bhv-oefeningen onderscheiden:

  • ontruimingsoefeningen, waarbij het gehele bedrijfspand of een deel daarvan na alarmering wordt ontruimd;
  • oefeningen in het verlenen van eerste hulp (ehbo);
  • oefeningen in het blussen van beginnende branden en het wegnemen van andere gevaren.

Bij al deze oefeningen komen de verschillende wettelijke bhv-taken aan bod. Denk onder meer aan alarmeren, communicatie met andere hulpverleners en het informeren van betrokkenen.

Advies van externe deskundige

Soms kan het handig zijn om externe deskundigen in te schakelen bij het oefenen van brandbestrijding en een ontruiming (tool). Zo kan de arboprofessional bijvoorbeeld de samenwerking met de brandweer oefenen. Hier moet hij wel rekening mee houden als hij een oefening plant: hij moet externe partijen immers altijd tijdig op de hoogte stellen. Deskundigen kunnen ook advies geven over logische scenario’s en de begeleiding van het hele proces. Vooral bij de meer gespecialiseerde oefeningen in bedrijven met hogere risico’s kunnen externe deskundigen van grote waarde zijn.

 

 

Bijlagen bij dit bericht