VERDIEPINGSARTIKEL

Beroepsziekte op de agenda, deel 1

Jaarlijks komen door een arbeidsongeval tussen de 50 en 70 werknemers om het leven. Voor beroepsziekten ligt dat aantal hoger: rond de 4.000. Toch is daar weinig aandacht voor. Het rapport ‘Beroepsziekten in beeld’ laat zien dat de preventie van beroepsziekten maar moeilijk op gang komt. Dat veroorzaakt niet alleen een hoop ellende voor de slachtoffers en hun naasten, het kost organisaties en overheid ook veel geld. Welke knelpunten kent het beleid en wat moet er veranderen?


10 mei 2021 4 minuten Door redactie

Dit verdiepingsartikel wordt u aangeboden door Rendement Online


Het ministerie van SZW begon in 2018 de campagne preventie beroepsziekte. De insteek is om meer bewustzijn te creëren bij werkgevers en werknemers voor de risico’s van beroepsziekten. Arbeidsongevallen krijgen veel meer aandacht omdat de gevolgen direct zichtbaar zijn.

Dat is bij beroepsziekten niet het geval. Ook werknemers zelf zijn zich daardoor vaak onvoldoende bewust van de mogelijke gevaren van het werk dat ze doen. De risico’s die ze lopen, hebben immers pas op langere termijn gevolgen. Vooral blootstelling aan gevaarlijke stoffen (verdiepingsartikel), maar ook fysieke overbelasting of psychosociale arbeidsbelasting (PSA) is een lang en sluipend proces.

Langdurig tijdsverloop

Het risico van beroepsziekten krijgt onvoldoende aandacht, zo blijkt uit het rapport ‘Beroepsziekten in beeld’ van Inspectie SZW dat onlangs is verschenen. Ook de afhandeling ervan verloopt niet zo vlot en zorgvuldig als zou moeten. Zeker gezien het leed dat ermee gepaard gaat. Dat blijft vaak buiten uw gezichtsveld, omdat een ziekte als gevolg van blootstelling aan bijvoorbeeld asbest of chroom-6 zich vaak pas na langere tijd openbaart.

Soms pas als iemand met pensioen is. Het is dan moeilijker om de directe relatie met het werk aan te tonen en dat is nodig wil de werknemer een schadevergoeding krijgen.

Recente zaken zoals de affaire bij DuPont met de giftige stof PFOA of C8 en bij Defensie met het gebruik van chroom-6 maakten duidelijk hoe ernstig de gevolgen zijn als werknemers onvoldoende beschermd worden tegen langdurige blootstelling. En ook de nasleep; slachtoffers zijn jaren bezig om een schadevergoeding te krijgen. Dat moet anders, vindt ISZW.

Hulp bij preventie beroepsziekte

De werkgever is en blijft de eerst verantwoordelijke voor gezonde en veilige arbeidsomstandigheden en moet dus beroepsziekten voorkomen. Doordat de gevolgen niet direct zichtbaar zijn, voelen werkgevers ook niet de noodzaak om aan preventie te doen.

Bovendien maakt het feit dat het verband tussen een ziekte en het werk niet altijd duidelijk is, het moeilijk om concrete maatregelen te nemen.

Er zijn echter ook andere partijen die actie kunnen ondernemen: denk aan de bedrijfsarts en andere kerndeskundigen. Hoewel de preventieve rol van de preventiemedewerker (tool) en bedrijfsarts nu nadrukkelijker in de Arbowet staat, is het effect hiervan is de praktijk nog niet zichtbaar. De bedrijfsarts is vooral bezig met begeleiding van verzuim, dat – net als ongevallen – veel zichtbaarder én voelbaarder is (verzuimkosten). 

Belemmeringen

Een van de belemmeringen voor een doelmatige aanpak van beroepsziekten is volgens het rapport, dat het stelsel rond beroepsziekten voor een deel steunt op zelfregulering: de wetgever gaat ervan uit dat werkgevers en werknemers zelf het beste weten welke risico’s zich voordoen in hun organisatie en welke maatregelen passend zijn.

De werkgever moet wel samenwerken met kerndeskundigen en de ondernemingsraad en zich laten bijstaan door deskundige werknemers zoals de preventiemedewerker. De naleving hiervan schiet in de praktijk echter tekort: niet alle bedrijven hebben een RI&E (toolbox) en betrekken de medezeggenschap erbij. Oorzaken van het manco aan goede preventie zijn volgens de onderzoekers:

  • gebrek aan bewustzijn van de risico’s, zeker als het gaat om langdurige effecten zoals werkgerelateerde kanker;
  • werkgevers vinden de regelgeving ingewikkeld;
  • werkgevers worden niet geconfronteerd met de kosten van beroepsziekten;
  • ook de bedrijfsarts wordt vaak niet geconfronteerd met een beroepsziekte; werknemers gaan eerst naar de huisarts en bij de bedrijfsarts ligt de nadruk op verzuim. Of de werknemer is al met pensioen als hij ziek wordt.

Een andere belemmering is de financiering van de bedrijfsgezondheidszorg. Die drukt nu vooral op de werkgever, die daardoor meer gericht is op de aanpak van verzuim en niet op preventie.

Er zou een toeslag moet komen op de Zorgverzekeringswet, of financiering vanuit sectorale fondsen. Dan kan preventie per branche(risico) aangepakt worden en branchespecifieke arbozorg worden ingericht (denk ook aan de bestaande arbocatalogi). Een bijkomend voordeel hiervan is dat ook zzp’ers en flexkrachten hier gebruik van kunnen maken.

Basiscontract arbodienst en schade betalen

Een prikkel voor meer preventie op organisatieniveau kan zijn om het voorkómen van beroepsziekten dwingender op te leggen in het basiscontract met de arbodienst. Ook zouden letselschadezaken een aanzet moeten zijn tot meer preventie.

Werkgevers die een schadevergoeding moeten betalen, zouden hieruit lering moeten trekken. Herhaling kan voorkomen worden door de aangetoonde oorzaak van beroepsziekte weg te nemen of maatregelen te treffen. Dat gebeurt nog veel te weinig.

Bovendien is de kans op een schadeclaim heel klein en dit is dus geen prikkel voor werkgevers om in actie te komen. Het proces van schadeafhandeling zou anders ingericht moeten worden. Oprichting van een onafhankelijke, interdisciplinaire arbeidsgeneeskundige organisatie voor stoffengerelateerde beroepsziekten kan helpen het verband tussen oorzaak en ziekte vast te stellen. Als de medische causaliteit bekend is, kan de werkgever gerichte preventieve maatregelen nemen. Ook helpt dit om het letselschadeproces te versnellen en dus dubbel leed bij de slachtoffers te voorkomen.

Melden van beroepsziekten

Ten slotte is het systeem van diagnostiek en signalering van beroepsziekten beperkt: het herkennen van een beroepsziekte vraagt om specialistische kennis.

Het herkennen van een beroepsziekte vraagt om specialistische kennis.

Bedrijfsartsen zijn verplicht beroepsziekten te melden, maar dit gebeurt onvoldoende; het meldingssysteem is te ingewikkeld. Ook draagt het niet bij aan het bevorderen van preventieve maatregelen door de werkgever. Idealiter moet elk beroepsziektegeval bijdragen aan de vergroting van kennis over de oorzaak ervan om zo herhaling te voorkomen. 

Veel slachtoffers beroepsziekten blijven onopgemerkt

Het rapport ‘Beroepsziekten in beeld’ van ministerie en Inspectie SZW beschrijft de ontwikkeling in de afgelopen decennia en de belemmeringen die een efficiënte aanpak van beroepsziekten in de weg zitten. De belangrijkste boodschap is dat beroepsziekten hoger op de agenda moeten staan. Een volgende minister gaat hier waarschijnlijk werk van maken. Beroepsziekten veroorzaken veel leed dat voorkomen kan en moet worden.


Voortijdig

Elk jaar overlijden ruim 4.000 (ex-)werknemers op jongere leeftijd dan wanneer ze gezonde en veilige omstandigheden op hun werk hadden gehad. Er zijn echter nog meer kwalijke gevolgen van beroepsziekten. Het merendeel van de werknemers met een beroepsziekte sterft niet voortijdig, maar heeft jarenlang ernstige gezondheidsklachten, zoals een burn-out of andere psychische aandoeningen, RSI/KANS, rugklachten of long- of huidaandoeningen.

In een enquête onder werknemers zegt één op de negen een beroepsziekte te hebben, en jaarlijks loopt 3,7% een (nieuwe) beroepsziekte op. Dat zijn ruim 250.000 werknemers met een beroepsziekte per jaar. Zij missen hierdoor gezonde levensjaren.


Kanker

Als werknemers door een beroepsziekte arbeidsongeschikt raken, komt dat vooral door psychische klachten (63%) en klachten aan het bewegingsapparaat (25%). Werknemers die een longaandoening of een huidziekte hebben, kunnen vaak nog wel doorwerken, soms jarenlang.

In de meeste situaties leidt risicovol werk met gevaarlijke stoffen pas (ver) na de pensioenleeftijd tot gezondheidsschade, zoals kanker. Een verband met werk wordt dan niet meer gelegd, en arbeidsongeschiktheid kan niet meer aan de orde zijn. 

 

Lees ook het verdiepingsartikel Beroepsziekten op de agenda, deel 2.