Dga’s niet aansprakelijk na privégebruik auto

Als uw bv een auto beschikbaar stelt aan uw werknemer, kunt u met hem afspreken dat de auto niet privé gebruikt mag worden. Maar houdt u hier eigenlijk wel voldoende toezicht op? Rechtbank Oost-Nederland stelde dat twee ex-bestuurders van een failliete bv persoonlijk aansprakelijk waren voor een ontstane belastingschuld door onvoldoende toezicht. Het Gerechtshof Den Bosch draaide dit echter terug.

7 november 2013 | Door redactie

De inspecteur van de Belastingdienst had twee bestuurders van een bv (failliet gegaan in 2010) in 2011 aansprakelijk gesteld voor een flinke naheffing over het jaar 2006. Hoewel de werknemers van de bv een verbod op privégebruik van de auto van de zaak hadden in hun arbeidsovereenkomst, was de inspecteur van mening dat de bestuurders onvoldoende toezicht hadden gehouden op dit verbod. Omdat de inspecteur vond dat het gebrek aan toezicht te bestempelen was als onbehoorlijk bestuur, werden de bestuurders aansprakelijk gesteld voor de naheffingsaanslag van de failliete bv. 

Gebrekkige controle op autogebruik

Rechtbank Oost-Nederland vond dat de inspecteur de voormalige bestuurders van de bv terecht aansprakelijk had gesteld. Voormalige bestuurders van een failliete bv kunnen namelijk aansprakelijk worden gesteld als de bv geen melding van betalingsonmacht heeft gedaan. Die melding was in dit geval niet gedaan omdat de bv meende aan haar betalingsverplichting te hebben voldaan. De faillietverklaring was volgens de bv een melding van betalingsonmacht. Volgens de wet is dit echter niet mogelijk als er sprake is van grove nalatigheid. De inspecteur had deze nalatigheid geconstateerd omdat de bestuurders onvoldoende toezicht hadden gehouden op het gebruik van de auto’s. Daarmee werden zij dus persoonlijk aansprakelijk gesteld voor de naheffing. 

Geen onbehoorlijk bestuur

Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden oordeelde echter anders en concludeerde dat de bv nooit verzaakt had een betalingsonmacht te melden waar dit wel had gemoeten. De rechter vond namelijk dat er geen sprake was van onbehoorlijk bestuur van de voormalige bestuurders. Dit had niet eens te maken met het wel of niet controleren van het autogebruik, maar met de melding van de betalingsonmacht. De gewezen bestuurders hadden namelijk aannemelijk gemaakt dat er tussen 2007 en 2010 geen wettelijke reden was om betalingsonmacht te melden. Volgens het hof was er daarom geen sprake van onbehoorlijk bestuur, en moesten de aansprakelijkstellingen dan ook worden vernietigd. Hierdoor hoefden ze ook de naheffingsaanslag niet te betalen. 

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 8 oktober 2013, ECLI:7498

Stel gratis uw vragen

MKB AdviesdeskHeeft u vragen over de gevolgen van deze uitspraak, dan kunt u deze als Premium-abonnee gratis stellen aan de experts van MKB Adviesdesk. U krijgt gegarandeerd antwoord binnen vijf werkdagen. Wacht niet langer en stel uw vraag!