Geen plezier meer in het werk: en nu?

26 augustus 2021

Een aantal van onze werknemers maken een uitgebluste indruk. Ze hebben geen plezier meer in hun werk. Dit vertaalt zich in een groot risico op een burn-out of een bore-out. Hun productiviteit neemt af en de sfeer op de werkvloer lijdt eronder. Wat kunnen we doen om deze werknemers weer op de goede weg te helpen?

Werknemers die dreigen uit te vallen door psychische klachten als overspannenheid of een burn-out, hebben vaak al een tijdje geen plezier meer in hun werk. Dat kan vele oorzaken hebben, zoals hoge werkdruk, weinig autonomie en te lage of te hoge taakeisen. Deze oorzaken moet de werkgever wegnemen. Het is de kunst juist de factoren te vinden die zorgen voor werkplezier. Voor een deel kan de werknemer deze ook zelf beïnvloeden.

Baan

Het is allereerst belangrijk om te achterhalen of iemand nog voldoening kan halen uit zijn werk of dat hij echt ongelukkig is met zijn baan. Is dat laatste het geval, dan kan het inderdaad soms beter zijn de bakens te verzetten en een andere baan te zoeken of zelfs iets heel anders te gaan doen.

Werknemers die op zich altijd tevreden waren maar wel onrustig zijn en het gevoel hebben dat er iets ontbreekt, kunnen tijdelijk minder voldoening halen uit hun werk. Zo’n situatie moet niet te lang duren, anders nemen de bevlogenheid , de motivatie en het werkplezier af en bestaat de kans dat ze in een negatieve spiraal terechtkomen.

Voldoening

In alle gevallen is het belangrijk dat de werknemer voor zichzelf kan aangeven welke aspecten van werk voor voldoening zorgen en welke niet. Kortom, kan iemand vertellen wat hij zoekt in het werk behalve het salaris dat hij maandelijks krijgt? Welke aspecten van het werk geven de werknemer energie en welke aspecten kosten hem vooral energie? Is hiertussen wel een gezonde balans?

Vaak zijn zaken als goed contact met collega’s en voldoende uitdaging en perspectief binnen de organisatie net zo belangrijk als de inhoud van de functie. Het is goed om onderscheid te maken tussen zaken die de werknemer wél en niet kan beïnvloeden en te focussen op de eerste. Op wie hun collega’s en leidinggevende zijn, hebben werknemers geen of weinig invloed, maar op hun functie misschien wel meer dan ze denken.

Energie

Werknemers kunnen op een rijtje zetten welke taken ze leuk vinden, welke minder leuk en welke ze liever helemaal niet uitvoeren. Taken waar iemand energie van krijgt, kunnen misschien uitgebreid worden. Ook loont het om te kijken of er op andere afdelingen of bij andere projecten ruimte is om dit soort taken op te pakken.

Van taken die energie kosten, kan de werknemer kijken of deze deels uitbesteed of gedelegeerd kunnen worden aan een collega die daar wel plezier aan beleeft. Het is handig om dit met de leidinggevende te bespreken. Die heeft wellicht ook ideeën en kan erbij helpen. Zijn onbevredigende taken toch onlosmakelijk met de huidige functie verbonden, dan kan het helpen hier op een andere manier mee om te gaan.

Inplannen aan het begin van de dag op een vast moment in de week bijvoorbeeld. Uitstelgedrag is hierbij een valkuil en veroorzaakt juist meer werkdruk. Komt de werknemer misschien vaardigheden tekort om dit soort taken vlot uit te voeren? Dan kan een training helpen.

Neventaken

Voldoende uitdaging en ontwikkelingsmogelijkheden in het werk dragen ook bij aan meer werkplezier. Dat kan door verdieping in een vakgebied te zoeken of andere vaardigheden te ontwikkelen. Het is dit verband goed om de eigen sterke en zwakke kanten te kennen.

Doen waar je goed in bent, geeft vaak meer voldoening en leidt ook tot sneller en beter resultaat. Soms is een functie niet uit te breiden of is er geen promotie mogelijk. Dan kunnen neventaken voldoening geven. Denk aan deelname aan een commissie of actief worden voor de medezeggenschap.

Omstandigheden medebepalend

Het kan ook zijn dat de omstandigheden niet aansluiten bij de wensen van de werknemer. Voelt hij zich niet op zijn plek in het huidige team, is er een groot verloop in leidinggevenden of moet hij te veel collega’s aansturen? Ook deze factoren hebben invloed op de ervaren werkdruk en het werkplezier. Dit zijn geen zaken die een werknemer zelf kan veranderen, maar dat betekent niet dat ze altijd zo moeten blijven.