Navorderen of naheffen

Is er te weinig belasting afgedragen, dan kan de Belastingdienst dat corrigeren met een navorderingsaanslag of naheffingsaanslag. De inspecteur mag daar echter niet zomaar gebruik van maken. Wat zijn de voorwaarden voor navordering en naheffing?

Navorderingsaanslag

 

Geldt voor

Aanslagbelastingen, zoals inkomsten- en vennootschapsbelasting.

Wanneer?

  • 1. De aanslag is ten onrechte achterwege gebleven.
  • 2. De aanslag is ten onrechte tot een te laag bedrag vastgesteld.
  • 3. Een in de wet voorziene vermindering, ontheffing, teruggaaf of heffingskorting is ten onrechte of tot een te hoog bedrag verleend.

Nieuw feit

Ja, maar uitzondering bij kwade trouw, onjuiste verrekening en kenbare fout.

Termijn

5 jaar na het einde van het belastingtijdvak waarin de belastingschuld is ontstaan. Bij een kenbare fout geldt een termijn van 2 jaar. Gaat het om inkomen of vermogen uit het buitenland, dan wordt de termijn verlengd tot 12 jaar.

Naheffingsaanslag

 

Geldt voor

Aangiftebelastingen, zoals BTW en loonheffingen.

Wanneer?

  • 1. Belasting die op aangifte behoort te worden voldaan of afgedragen, is geheel of gedeeltelijk niet betaald.
  • 2. Er is ten onrechte of tot een te hoog bedrag, vrijstelling of vermindering van belasting dan wel teruggaaf van belasting verleend.

Nieuw feit

Nee.

Termijn

5 jaar na het einde van het kalenderjaar waarin de belastingschuld is ontstaan.