Belastingdienst komt niet weg met alleen digitale aanslag

Alleen een aanslag via de digitale weg opleggen is wel heel efficiënt, maar de Belastingdienst mag hier van de rechter niet mee volstaan. De fiscus moet een aanslag in elk geval per post versturen, net als de uitnodiging om aangifte te doen. Op basis van deze redenering verwees de rechter een opgelegde boete naar de prullenbak.

11 september 2018 | Door redactie

Een man kreeg van de Belastingdienst de niet zo vrijblijvende uitnodiging om aangifte inkomstenbelasting te doen over het jaar 2015. De man had weliswaar een adreswijziging doorgegeven aan de fiscus, maar die was nooit verwerkt. De uitnodiging ging daarom naar het oude postadres. Daar kwam geen reactie op, en de inspecteur stelde daarom op basis van eigen gegevens de aanslag vast over 2015. Bovendien legde hij een verzuimboete van € 369 op en rekende € 64 aan heffingsrente.

Inspecteur noemt bezwaar niet-ontvankelijk

Deze aanslag werd opnieuw naar het oude adres verstuurd, en ook geplaatst in de berichtenbox van het digitale overheidsloket MijnOverheid.nl. Maar betaling bleef uit, en daarom deed de inspecteur een dwangbevel op de bus. Ditmaal wél naar het nieuwe adres van de man. Die maakte daarop direct bezwaar (tool) en diende alsnog zijn aangifte in.
Maar dat mocht niet baten. Omdat het bezwaar ruimschoots te laat was, merkte de inspecteur het aan als niet-ontvankelijk. Hij paste de aanslag nog wel enigszins aan naar aanleiding van de aangifte, maar liet de boete in stand.
De belastingplichtige ging daar niet mee akkoord en legde de zaak voor aan de rechter. Volgens hem was hij pas op de hoogte van de aanslag toen het dwangbevel op de mat plofte. De digitale berichtenbox had hij pas later geactiveerd en hij had ook nooit aangegeven dat hij via die box bereikbaar was. De inspecteur vond echter dat de aanslag op deze manier op de juiste wijze was verstuurd.

Rechter streept verzuimboete door

Maar de rechter dacht daar anders over. De rechtbank kwam op basis van wettelijke regelingen tot de conclusie dat alleen een digitale aanslag niet voldoende is. Dat geldt ook voor de uitnodiging om aangifte te doen. Dat moest per post. Die brieven waren wel per post verstuurd, maar naar het verkeerde adres. Dus oordeelde de rechter dat de aanslag niet op de goede manier bekend was gemaakt. Een boete was dan ook niet op zijn plaats.
Er duiken steeds vaker rechtszaken op over de digitale berichtenbox. Zo zijn er verhalen bekend van mensen die zich er niet bewust van waren dat ze toestemming hadden gegeven om alle gemeentepost voortaan alleen nog digitaal te krijgen. Ook werd onlangs nog een waterschap op de vingers getikt dat een dwangbevel digitaal had verstuurd. Ook dat had per post gemoeten.
Rechtbank Den Haag, 22 augustus 2018, ECLI (verkort): 10132