Toch navorderen als fout aanslag kenbaar is

16 juli 2015 | Door redactie

Voert de Belastingdienst een aangekondigde correctie niet uit, dan mag de inspecteur dat later met een navorderingsaanslag rechtzetten. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft recent aangegeven dat er dan geen nieuw feit nodig is.

In deze zaak ging het om vrouw die haar bedrijfspand verhuurde aan een taxicentrale. De aandelen in deze bv waren volledig in handen van de echtgenoot van de vrouw. In de aangifte inkomstenbelasting 2008 en 2009 gaf de vrouw het pand aan als inkomen uit sparen en beleggen (box 3). In maart 2010 startte de Belastingdienst een boekenonderzoek bij de taxicentrale. De inspecteur gaf op basis van dat boekenonderzoek aan te willen afwijken van de aangifte en de inkomsten uit het bedrijfspand te behandelen als opbrengsten uit de terbeschikkingstelling van vermogensbestanddelen (box 1). Hij vergat echter om dat te verwerken in de aanslag.

Geen nieuw feit nodig om na te vorderen

De fiscus probeerde die fout te corrigeren met een navorderingsaanslag. De vrouw vond dat niet terecht, omdat er geen sprake was van een nieuw feit. Het gerechtshof bepaalde dat de inspecteur de vrouw zowel schriftelijk en mondeling had gewezen op zijn voornemen om bij het opleggen van de aanslag af te wijken van de aangifte. Hierdoor moest het voor de vrouw kenbaar zijn geweest dat de opbrengsten in box 1 vielen en niet in box 3. Bij ontvangst van de aanslag was het voor de vrouw dus kenbaar dat de inspecteur een fout had gemaakt. Daarom was er voor het opleggen van de navorderingsaanslag geen nieuw feit nodig.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 24 juni 2015, ECLI (verkort): 4578