VERDIEPINGSARTIKEL

De fiscus kan compenseren

De Belastingdienst kan beslissen om aanslagen met elkaar te verrekenen als hij nog iets aan u moet betalen terwijl u nog een bedrag moet afdragen aan de fiscus.

Maar hoe zit dit als de inspecteur er achterkomt dat u vergeten bent inkomen aan te geven terwijl u heeft verzocht om een teruggaaf omdat u bezwaar heeft gemaakt tegen de aanslag van datzelfde jaar? Kan hij dit dan ook meteen met elkaar compenseren? Of valt er dan niets meer te vorderen?


15 juli 2021 3 minuten Door redactie

Dit verdiepingsartikel wordt u aangeboden door Rendement Online


Zolang een aanslag nog niet definitief vaststaat, kunt u alles aanvoeren om de aanslag naar beneden te krijgen, zelfs als dat standpunt afwijkt van uw aangifte. De tegenhanger van ‘dit alles aanvoeren’ is de interne compensatie van de Belastingdienst.

Als aanslag te laag is

De fiscus kan een beroep doen op interne compensatie als hij in bezwaar, beroep en hoger beroep aangeeft dat u inderdaad gelijk heeft dat de aanslag lager moet zijn door de door u aangedragen argumenten, maar dat bij nadere bestudering van de aanslag is gebleken dat de aanslag te laag is (u heeft bijvoorbeeld bepaalde inkomensbestanddelen niet in de aangifte opgenomen). Daarvoor heeft de fiscus geen nieuw feit nodig! De interne compensatie mag er echter niet toe leiden dat er meer belasting betaald moet gaan worden.

Wanneer is compensatie niet toegestaan

Een voorbeeld ter verduidelijking. U maakt bezwaar tegen de aanslag IB, omdat u erachter bent gekomen dat u een aftrekpost van € 3.000 in box 1 in de aangifte bent vergeten mee te nemen. U verzoekt de fiscus dan ook in het bezwaar om uw het belastbare inkomen te verlagen met € 3.000.

De inspecteur stemt in met uw bezwaar, maar ontdekt dat een voordeel van € 8.000 niet in de aanslag is opgenomen. Hij mag dan deze correcties op het inkomen in dezelfde aanslag (‘intern’) salderen (‘compenseren’), maar dan mag de aanslag niet hoger zijn dan de oorspronkelijke aanslag. I

In dit voorbeeld leidt een volledige saldering echter tot een hogere aanslag (verhoging inkomen met € 5.000) en dat is dus niet toegestaan.

De term interne compensatie is niet in de wet opgenomen. Het leerstuk is ontwikkeld in de jurisprudentie en wordt gezien als een ‘wapen’ dat de Belastingdienst tot zijn beschikking heeft. Wil de inspecteur een geslaagd beroep doen op interne compensatie, dan moet hij rekening houden met de volgende grenzen(ter bescherming van de belastingplichtige):

  • De aanslag kan dus nooit hoger worden.
  • Op de punten die in de bezwaarfase, beroepsfase of hoger beroepsfase expliciet en zonder voorbehoud zijn prijsgegeven kan de fiscus niet meer terugkomen.
  • Het beroep op interne compensatie moet uitdrukkelijk en ondubbelzinnig blijken.

Algemene beginselen behoorlijk bestuur

Bij de toepassing van interne compensatie is de inspecteur in principe gebonden aan de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Vooral het vertrouwensbeginsel speelt hierbij een belangrijke rol.

Stel dat u ervan uitgaat dat de inspecteur bewust een standpunt heeft ingenomen ten aanzien van uw situatie. Dan kan de Belastingdienst niet via interne compensatie een correctie doorvoeren die is gebaseerd op een ander standpunt. Dit kan alleen als het standpunt zozeer in strijd is met de wet, dat u niet mag rekenen op handhaving daarvan.

Overrompelen
De Hoge Raad heeft enkele jaren geleden ook bepaald dat de inspecteur bij het toepassen van interne compensatie rekening moet houden met de processuele belangen van de belastingplichtige. Tijdens bijvoorbeeld de mondelinge behandeling voor het gerechtshof kan de inspecteur wel een beroep doen op toepassing van interne compensatie, maar hij mag de belanghebbende daar zeker niet mee overrompelen. Dan gaat de interne compensatie niet door.

Bewoordingen geen vereiste

De Hoge Raad heeft op dat laatste punt vorig jaar nog een arrest gewezen. Ons hoogste rechtsorgaan gaf hierin aan dat hij vond dat de inspecteur in hoger beroep een beroep op interne compensatie had gedaan.

Uit de gedingstukken bleek dat hij had gesteld dat het loon waarop de loonheffing zag in de IB-heffing moest worden betrokken, als de loonheffing mocht worden verrekend. Voor een uitdrukkelijk en ondubbelzinnig beroep op interne compensatie was niet vereist dat de inspecteur de bewoordingen ’beroep op interne compensatie’ had gebruikt. De rechter oordeelde dat de inspecteur in hoger beroep een beroep op interne compensatie had gedaan.

(Hoge Raad, 10 juli 2020, ECLI (verkort); 1245)