VERDIEPINGSARTIKEL

Vertrouwensbeginsel en informatie van de Belastingdienst

Lang was het uitgangspunt over informatie van de Belastingdienst dat u niet blind mocht vertrouwen op informatie die werd verkregen van de BelastingTelefoon en info die gevonden werd op de site van de fiscus.

Maar er is een flinke kentering gaande. Er klinken steeds meer geluiden dat belastingplichtigen hier wel op kunnen en mogen vertrouwen. Zelfs de Hoge Raad is onlangs overstag gegaan.


2 december 2021 5 minuten Door redactie

Dit verdiepingsartikel wordt u aangeboden door Rendement Online


Bij vragen over uw belastingen gaat u waarschijnlijk eerst een antwoord proberen te zoeken op de website van de Belastingdienst of belt u met de BelastingTelefoon.

De algemene ‘regel’ is nog dat u niet blind mag vertrouwen op de informatie van de website en de BelastingTelefoon. De informatie is dus niet bindend. Maar er is wel een flinke verandering in deze zienswijze gaande.

Onlangs heeft de Hoge Raad namelijk haar mening over het kunnen vertrouwen op de informatie van de website van de Belastingdienst gegeven. En daaruit kwam best wel verrassend het antwoord dat het kunnen vertrouwen op de informatie van de website zwaarder weegt dan de correcte toepassing van de wet.

Opgewekt vertrouwen weegt zwaarder

In deze zaak ging het om een man die in 2015 een lijfrenteverzekering had afgekocht. Uit informatie op de website van de Belastingdienst had hij afgeleid dat hij geen revisierente verschuldigd zou zijn, omdat de verzekering vóór 16 oktober 1990 was afgesloten.

Er was hierbij echter geen voorbehoud gemaakt voor lijfrenteverzekeringen die waren aangepast waardoor deze voldeden aan de voorwaarden die in de wet IB zijn opgenomen om voor premieaftrek in aanmerking te komen.

De inspecteur gaf aan dat er toch revisierente verschuldigd was omdat er volgens hem sprake was van een aangepaste verzekering waar volgens de wet revisierente over verschuldigd was. De man deed bij de rechter een beroep op het vertrouwensbeginsel. Hij vond dat hij op de info van de website had mogen vertrouwen.t

Het Hof vond dat het opgewekte vertrouwen door de info op de website in deze zaak zwaarder woog dan een juiste toepassing van de wet. Het opgewekte vertrouwen moest dus boven een correcte toepassing van de wet worden gesteld.

Hier ging de Hoge Raad volledig in mee. De revisierente over de afkoop was dus niet verschuldigd door de man (Hoge Raad, 5 november 2021, ECLI (verkort): 1654).

Vertrouwensbeginsel

De overheid moet zich behoorlijk gedragen ten opzichte van u. Hiervoor zijn de algemene beginselen van behoorlijk bestuur vastgesteld. Het vertrouwensbeginsel is er hier een van. Dit beginsel leidt ertoe dat u erop mag vertrouwen dat de overheid doet wat er gezegd wordt en dat u kunt vertrouwen op een toezegging van die kant.

Informatie BelastingTelefoon niet bindend

Tot nu toe werd door rechters ook aangegeven dat informatie van de BelastingTelefoon niet bindend is. U kunt er dus geen vertrouwen aan ontlenen.

De medewerkers van de BelastingTelefoon geven namelijk algemene informatie in de vorm van inlichtingen. Deze inlichtingen hebben een andere juridische status dan een expliciet standpunt of een toezegging van de inspecteur van de Belastingdienst.

Maar onlangs was er een rechter die daar anders over dacht. Die rechter vond namelijk dat een man die schade leed door verkeerde informatie van de BelastingTelefoon wel mocht vertrouwen op deze informatie waardoor hij twee keer zijn reiskosten vergoed kreeg.

Risico onjuiste inlichting bij belastingplichtige

In deze zaak had een man voordat hij met zijn nieuwe baan begon de BelastingTelefoon gebeld met een vraag over zijn reiskostenvergoeding. De medewerker antwoordde hem dat hij € 0,19 per zakelijk gereden kilometer kon aftrekken van zijn loon als hij een sluitende kilometeradministratie zou bijhouden.

Daarop besliste de man om bij zijn nieuwe werkgever in zijn eigen auto te blijven rijden. Hij kreeg van zijn werkgever een volledig belaste reiskostenvergoeding van € 714 per maand en trok daarnaast € 0,19 x 12.012 door hem zakelijk gereden kilometers is € 2.282 als reiskosten af in zijn aangifte.

De inspecteur was het met die aftrek niet eens. De man ging in beroep, bij de rechtbank kreeg hij echter geen gelijk, maar in hoger beroep ging de rechter wel met hem mee. Hof Den Bosch gaf aan dat de man wettelijk gezien de reiskosten niet mocht aftrekken.

Maar had de man er wel op kunnen vertrouwen dat hij zoals de BelastingTelefoon had aangegeven de reiskosten kon aftrekken? De rechter stelde hier vast dat de BelastingTelefoon een inlichting had verstrekt en dat het risico van een onjuiste inlichting in principe bij de belastingplichtige lag maar dat dit kan anders zijn als:

  • de inlichting niet zo duidelijk in strijd is met de juiste wetstoepassing, dat de belastingplichtige in alle redelijkheid niet hoeft te beseffen dat de inlichting onjuist is; en
  • de belastingplichtige op basis van de onjuiste inlichting een handeling heeft verricht of nagelaten, waardoor hij schade heeft geleden. Deze schade mag niet bestaan uit het betalen van de wettelijke belasting.
De rechter vond dat de man op de inlichting had kunnen vertrouwen

Vertrouwen op juiste informatie overheid

De rechter gaf aan dat tijdens de behandeling van de zaak al bleek dat de man geen verstand van belastingen had. Hij kon dus ook niet weten dat de info niet klopte.

Bovendien maakte de man voor de rechter ook aannemelijk dat als hij wel de goede informatie had gehad hij voor een leaseregeling gekozen zou hebben en met die auto niet privé zou gaan rijden. Hij zou daarmee voordeliger uit zou zijn geweest dan met een reiskostenvergoeding.

De rechter vond dat de man op de inlichting had kunnen vertrouwen en vond dat de reiskosten aftrekbaar waren. De man kreeg gelijk (Hof Den Bosch, 14 oktober 2021, ECLI (verkort): 3134).

Maar niet alleen de rechtspraak is anders gaan denken over het kunnen vertrouwen op de informatie van de Belastingdienst die verkregen wordt via de website of BelastingTelefoon.

Zo heeft de Nationale ombudsman ook verkondigd dat belastingplichtigen moeten kunnen vertrouwen op de informatie die wordt verstrekt door de BelastingTelefoon. De Nationale Ombudsman vindt dat een burger erop moet kunnen vertrouwen dat hij de juiste informatie ontvangt van medewerkers van een overheidsinstantie zoals de Belastingdienst.

Een excuus voor de gemaakte fout is dan niet voldoende, er moet ook een financieel gebaar tegenover staan als de burger door de verkeerde informatie financieel nadeel heeft ondervonden.

Een gemiste kans van de fiscus om niet meteen de fout toe te geven

Gevolgen samenwonen op toeslagen

Een vrouw had bij hem een klacht ingediend over de Belastingdienst/Toeslagen. Zij had deze gebeld met de vraag of als ze ging samenwonen dit gevolgen had voor haar recht op toeslagen. Door de medewerker werd haar verzekerd dat dit geen gevolgen zou hebben.

Deze informatie klopte echter niet. De vrouw moest namelijk zorgtoeslag en kindgebonden budget terugbetalen.

Excuus alleen niet voldoende

Zij diende een klacht in bij de fiscus maar hoorde niets. Daarop stapte ze naar de Nationale Ombudsman. Die vond het een gemiste kans van de fiscus om niet meteen de fout toe te geven en excuses aan te bieden. Dit excuus heeft uiteindelijk nog wel later plaatsgevonden.

De Ombudsman stelde dat als de informatie niet juist blijkt te zijn een excuus van de overheidsinstantie alleen niet voldoende is. Er moet als er financieel nadeel is geleden een substantieel financieel gebaar worden gemaakt dat recht doet aan de gemaakte fout. Door de Belastingdienst is dit gebaar onlangs gemaakt, de vrouw heeft het teruggevorderde bedrag teruggekregen.