Kom ik in aanmerking voor de TVL?

17 augustus 2021

De vaste lasten van mijn onderneming lopen door, terwijl ik nauwelijks inkomsten heb door de coronamaatregelen. Kom ik in aanmerking voor een tegemoetkoming voor mijn vaste lasten?

Dat kan, via de regeling Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL). De TVL is voor het vierde kwartaal van 2020 én voor de eerste drie kwartalen van 2021 voor alle branches opengesteld. Tot oktober 2020 kwamen alleen specifieke branches in aanmerking. Uitzonderingen zijn financiële en kredietinstellingen, publiek gefinancierde scholen, holdings, huishoudens en (internationale) overheidsinstellingen.

De aanvraag loopt via de RVO. Voor subsidieaanvragen over het tweede kwartaal is het loket geopend van 25 juni tot en met 20 augustus om 17:00 uur. Voor het derde kwartaal start de aanvraagperiode op 31 augustus om 8:00 uur. Dit loket sluit op 26 oktober om 17:00 uur. Ondernemingen kunnen de status van hun TVL-aanvraag volgen door in te loggen op mijn.rvo.nl/tvl.

Voorwaarden aanvraag TVL tweede en derde kwartaal 2021

Ondernemingen die TVL willen aanvragen moeten uiteraard voldoen aan de spelregels. Voor het tweede kwartaal van 2021 zijn dit de belangrijkste voorwaarden:

  • De onderneming moet 30% omzetverlies hebben in het tweede kwartaal van 2021. De onderneming mag zelf kiezen of zij hiervoor vergelijkt met de omzet in het tweede kwartaal van 2019 of het derde kwartaal van 2020 (het kwartaal dat de economie weer enigszins van het slot was). Bij deze laatste periode tellen ontvangen coronasubsidies (TVL of bijvoorbeeld de loonkostensubsidie NOW) in dat kwartaal niet mee als omzet.
  • Ondernemingen die meer dan 30% omzetverlies hebben, krijgen 100% van hun vaste lasten vergoed.
  • De onderneming moet in het kwartaal minstens € 1.500 aan berekende vaste lasten hebben.
  • Het maximale subsidiebedrag voor het mkb is € 550.000. Voor ondernemingen met meer dan 250 werknemers is dit € 1.200.000.
  • Het minimale subsidiebedrag is € 1.500.
  • De onderneming stond uiterlijk op 30 juni 2020 geregistreerd in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel en heeft een SBI-code (de indeling van branches in het register).
  • De onderneming heeft een vestiging in Nederland.
  • De onderneming is niet failliet en heeft geen uitstel van betaling aangevraagd bij de rechtbank.

Voor het derde kwartaal van 2021 zijn de voorwaarden nagenoeg gelijk aan het tweede kwartaal. De enige wijziging is dat het maximale subsidiebedrag voor het grootbedrijf is teruggeschroefd van € 1.200.000 naar € 600.000. Ondernemingen mogen opnieuw kiezen met welke periode zij de omzet vergelijken: het derde kwartaal van 2019 óf het derde kwartaal van 2020.

Voorbeeldberekening TVL

Bij de subsidie wordt gerekend met een vast percentage aan vaste lasten, vastgesteld door het CBS. Dit getal geeft de vaste lasten aan als percentage van de omzet in een sector. De onderneming hoeft dus geen bonnetjes in te leveren van de daadwerkelijke vaste lasten.

De berekening ziet er dan als volgt uit: omzet in derde kwartaal 2019 x verwacht omzetverlies in derde kwartaal 2021 (in %) x percentage vaste lasten (in %) x 100% (het vergoedingspercentage). Bij een onderneming met een omzet van € 350.000 in het derde kwartaal van 2019, een verwacht omzetverlies van 70% en een vastgesteld percentage van 25% aan vaste lasten is de fictieve voorbeeldberekening dus: € 350.000 x 70% x 25% x 100% = € 61.250 aan TVL.

Let op: sinds 12 april 2021 moet u in principe een eHerkenning met beveiligingsniveau 3 hebben om een aanvraag te kunnen doen. Sinds 1 juli 2021 is inloggen met een eHerkenning met een lager beveiligingsniveau niet meer mogelijk. U mag ook nog DigiD gebruiken, als u in het Handelsregister staat geregistreerd als eigenaar of bestuurder van de onderneming. Kijk voor meer informatie op de site van de RVO

Werkelijke omzet doorgeven vóór 1 september 2021

Ondernemers die over het vierde kwartaal van 2020 TVL hebben gekregen, moeten vóór 1 september 2021 de werkelijke omzet doorgeven voor de definitieve vaststelling van de subsidie. Voor TVL-aanvragen over het eerste kwartaal is 30 september 2021 de uiterste datum. In eerste instantie ontvangen ondernemingen namelijk 80% van de berekende subsidie als voorschot. Vervolgens moet de onderneming de definitieve omzet over het kwartaal doorgeven aan de RVO, en dat met bewijs onderbouwen. Klopt het werkelijke omzetverlies met de inschatting, dan krijgt de onderneming ook de resterende 20% van de subsidie uitbetaald. Is er meer omzet verloren gegaan dan gedacht, dan krijgt de onderneming méér subsidie. Maar als het omzetverlies minder hoog is dan ingeschat, dan krijgt de onderneming niet de hele 20% of moet zij subsidie terugbetalen.

Overigens kunnen ondernemingen ook bezwaar aantekenen bij de RVO tegen een afwijzing van een aanvraag of tegen de definitieve vaststelling van de subsidie.

Voorwaarden TVL over eerste kwartaal 2021

Bij de definitieve vaststelling van de subsidie over het eerste kwartaal wordt het bedrag getoetst aan de voorwaarden die voor dat kwartaal golden. Daarom voor de volledigheid deze voorwaarden ook nog even op een rijtje:

  • De onderneming moet 30% omzetverlies hebben in het eerste kwartaal van 2021 in vergelijking met hetzelfde kwartaal in 2019.
  • Ondernemingen die meer dan 30% omzetverlies hebben, krijgen 85% van hun vaste lasten vergoed. De oplopende schaal (50% vergoeding bij 30% omzetverlies, 70% bij 100% omzetverlies) die gold voor het vierde kwartaal van 2020 is dus vervallen.
  • De onderneming moet in het kwartaal minstens € 1.500 aan vaste lasten hebben (dit was eerder € 3.000).
  • Het maximale subsidiebedrag voor het mkb is € 550.000. Voor ondernemingen met meer dan 250 werknemers is dit zelfs € 600.000.
  • Het minimale subsidiebedrag is € 1.500 (dit was € 750).
  • De onderneming stond op 15 maart 2020 geregistreerd in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel en heeft een SBI-code.
  • De onderneming heeft een vestiging in Nederland.
  • De onderneming is niet failliet en heeft geen uitstel van betaling aangevraagd bij de rechtbank.