TBS-regeling wijzigt met huwelijkse voorwaarden

Een directeur-grootaandeelhouder (dga) die zijn huwelijkse voorwaarden wijzigt, moet rekening houden met vermogensbestandsdelen die onder de terbeschikkingstellingsregeling (tbs-regeling) vallen. Nieuwe huwelijkse voorwaarden kunnen anders onverwachte fiscale gevolgen hebben, zo blijkt uit een recente rechtszaak.

12 april 2016 | Door redactie

De uitspraak is van belang voor dga’s die onder huwelijkse voorwaarden getrouwd zijn en vermogensbestandsdelen, zoals een bedrijfspand, ter beschikking stellen aan hun bv. In deze zaak draaide het namelijk om een dga die een bedrijfsruimte verhuurde aan zijn werkmaatschappij onder de tbs-regeling. In 2008 pasten de dga en zijn partner, die sinds 1991 getrouwd waren, hun huwelijkse voorwaarden aan, waardoor zijn partner voor 30% mede-eigenaar werd van de bedrijfsruimte (tool). In zijn aangifte hield de dga echter geen rekening met deze gewijzigde verhoudingen. Volgens de inspecteur was de terbeschikkingstelling voor 30% gestaakt. Volgens de rechter had de dga daarom moeten afrekenen over het verschil tussen de fiscale waarde op de balans en de commerciële waarde, met een navordering (tool) tot gevolg.

Vermogen verschuift naar box 1 bij tbs

Een dga die vermogen ter beschikking stelt aan zijn bv, krijgt te maken met de tbs-regeling. Dat betekent dat de vergoeding die hij ontvangt voor het ter beschikking stellen van het vermogen, bij hem belast is in box 1 en niet, zoals gebruikelijk met vermogen, in box 3.
In het maartnummer van BV Rendement leest u alles over de tbs-regeling. Nog geen abonnee? U kunt hier een proefabonnement op BV Rendement afsluiten.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 28 januari 2016, ECLI (verkort): 881