Moeders leveren helft salaris in na geboorte eerste kind

Omdat veel vrouwen na de geboorte van hun eerste kind minder uren gaan werken en mannen niet, ontstaat er grote inkomensongelijkheid tussen beide seksen. Zeven jaar na de geboorte leveren moeders bijna de helft van hun salaris in. Vaders merken daarentegen geen verschil in inkomen.

16 december 2020 | Door redactie

De terugval in loon, de zogenoemde babyboete, bedraagt maar liefst gemiddeld 46%, meldt het Centraal Planbureau (CPB). Volgens de onderzoekers is de hoofdreden dat vrouwen minder gaan werken na de komst van hun eerste kind. Sommige mannen gaan ook iets minder werken, maar omdat hun uurloon stijgt of ze de teruggang in salaris op andere momenten weer inhalen, heeft dat geen gevolgen voor hun inkomen. Het traditionele rollenpatroon waarin de verdeling van zorgtaken veelal bij de vrouw legt, speelt mogelijk een rol. Aan het onderzoek (pdf) deden meer dan een miljoen Nederlandse ouders mee die tussen 2006 en 2009 een baby kregen.

Traditioneel rollenpatroon

Bij hoogopgeleide moeders, lesbische koppels en moeders in de (semi-)publieke sector is de babyboete minder hoog. Wellicht komt dat laatste doordat de publieke sector gezinsvriendelijker werkomgevingen zijn. De inkomensdaling is ook afhankelijk van culturele aspecten: zo ligt de babyboete bij vrouwen met een buitenlandse, Surinaamse of Antilliaanse achtergrond op 'maar' 30-35%. Bij vrouwen met een Nederlandse, Turkse of Marokkaanse achtergrond ligt deze hoger, op bijna 50%. Ook speelt religie een rol: moeders die vaak een kerk of moskee bezoeken hebben ook te maken met een hogere babyboete. Mogelijk omdat religieuze betrokkenheid vaak hand in hand gaat met een traditioneel rollenpatroon.

Inkomensverschil wordt nooit meer ingehaald

Voor jonge stellen is de ideale situatie een gelijke verdeling tussen de taken, maar de praktijk blijkt weerbarstig. Meestal werken vrouwen met jonge kinderen parttime en mannen fulltime. Uit de Emancipatiemonitor van het CBS blijkt dat Nederlandse mannen nog net zoveel uren werken als hun vaders en grootvaders.
In het onderzoek is alleen naar de eerste zeven jaar van moeders gekeken, maar het is plausibel dat zij hun hele werkende leven – en dus ook in hun pensioen - het inkomensverschil niet meer inhalen.