Overheid breidt antidiscriminatiebeleid uit

De Rijksoverheid neemt een antidiscriminatiebepaling op in elk contract voor de inhuur van uitzendkrachten. De overheid kan via het beding een contract stopzetten als een partij wordt veroordeeld voor discriminatie. Met deze maatregel breidt het Rijk haar antidiscriminatiebeleid verder uit en geeft hiermee een voorbeeld aan alle werkgevers in Nederland.

22 februari 2016 | Door redactie

Het eerste contract met een bepaling tegen discriminatie werd getekend op donderdag 18 februari met uitzendbureau Start People. Alle nieuwe contracten van de Rijksoverheid voor  het inlenen van uitzendkrachten krijgen voortaan zo’n bepaling. Als een organisatie wordt veroordeeld voor discriminatie, beëindigt de Rijksoverheid per direct het contract.

Beding vereist strafrechtelijke veroordeling

Nadeel van het beding is dat er een definitieve strafrechtelijke veroordeling van de rechter nodig is om het contract te beëindigen. Discriminatie bij sollicitaties is moeilijk te bewijzen en dat leidt zelden tot een rechtszaak. Om die reden hebben D66, PvdA en andere partijen aan minister Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid gevraagd om ook te kijken naar uitspraken van het College voor de Rechten van de Mens. Die beoordeelt veel discriminatiemeldingen, maar doet geen bindende uitspraken. Minister Asscher gaf aan dat hij daarmee wel iets wil doen, maar dat het juridisch gezien lastig is.

Neem antidiscriminatiebepaling over in eigen contracten

Hoewel de antidiscriminatiebepaling in deze vorm misschien niet heel snel tot een contractbreuk zal leiden, zendt het wel een hele duidelijke boodschap uit: geen zaken willen doen met organisaties die zich schuldig maken aan discriminatie. Werkgevers die een helder antidiscriminatiebeleid (willen) voeren, kunnen ervoor kiezen om deze bepaling over te nemen in hun eigen contracten met uitzendondernemingen.