Kabinet reageert op consultatie over antimisbruikbepaling

Over de wijzigingen van de Wet op de dividendbelasting en de invoering van een nieuwe nationale antimisbruikbepaling werd dit jaar een internetconsultatie opgetuigd. Het kabinet gaat nu in op de uitkomsten hiervan.

19 september 2017 | Door redactie

Van mei tot en met juni 2017 liep een internetconsultatie over de invoering van maatregelen om misbruik van het fiscaal aantrekkelijke Nederlandse belastingklimaat te voorkomen. Aan de consultatie namen tien respondenten openbaar deel, zowel koepel- en belangenorganisaties als particulieren en bedrijven. In de op Prinsjesdag vrijgegeven memorie van toelichting bespreekt het kabinet de belangrijkste punten die naar voren kwamen uit de consultatie. 

Deelnemers pleiten voor overgangsregeling

Deelnemers aan de consultatie pleitten onder meer voor een overgangsregeling, zodat ondernemingen langer de tijd krijgen om hun structuren aan te passen. Ook willen zij voldoende tijd om in overleg te kunnen treden met de Belastingdienst. Het kabinet heeft in reactie hierop aangegeven dat belastingplichtigen voldoende tijd hebben om zich te kunnen voorbereiden op de nieuwe wetgeving. Wél vindt het kabinet het redelijk om belastingplichtigen extra tijd te geven om te voldoen aan de twee nieuwe criteria onder de ‘relevante substance’. Het gaat hierbij om het loonkostencriterium van € 100.000 en het vereiste van een eigen kantoorruimte. Deze criteria zullen daarom niet per 1 januari 2017, maar drie maanden later, op 1 april 2017, ingaan. 

Ondernemingseis moet verduidelijk worden

In de consultatie werd daarnaast door verschillende deelnemers verzocht om een verduidelijking van de antimisbruikbepaling ten aanzien van de ondernemingseis. Zij merkten op dat het niet helder is bij welke stap van de antimisbruikbepaling de ondernemingseis nu precies een rol speelt. In zijn reactie geeft het kabinet aan dat net als bij de huidige antimisbruikbepaling een constructie als kunstmatig wordt beschouwd als zij niet is opgezet volgens de geldige zakelijke redenen die de economische realiteit weerspiegelen. Bij de objectieve toetsing hiervan speelt de ondernemingseis een rol.