Einde aan inleg in spaarloonregeling

Per 1 januari 2012 kunnen werknemers niet meer inleggen in de spaarloonregeling. Dit hebben minister De Jager en staatssecretaris Weekers van Financiën bekendgemaakt in een brief aan de Tweede Kamer. Het vervroegd eindigen van de spaarloonregeling zorgt voor een besparing, die gebruikt wordt om de verlaging van de overdrachtsbelasting te financieren.

4 juli 2011 | Door redactie

Afgelopen vrijdag informeerde het ministerie van Financiën de Tweede Kamer (pdf) over de tijdelijke verlaging van de overdrachtsbelasting van 6% naar 2%. Deze maatregel – die van kracht is tot juli 2012 – is bedoeld om de doorstroom op de woningmarkt te bevorderen. De kosten van het verlagen van de overdrachtsbelasting bedragen € 1,2 miljard en worden onder andere gedekt door de spaarloonregeling eerder te beëindigen.

Vanaf 2012 niet meer inleggen

Werknemers in uw organisatie die deelnemen aan de spaarloonregeling, kunnen met ingang van
1 januari 2012 niet meer inleggen in deze regeling. Voor het in eerdere jaren gespaarde geld blijven wel gewoon dezelfde regels gelden. Het opgebouwde vermogen blijft dus – net als nu – gedurende vier jaar geblokkeerd (tenzij de werknemer het voor bepaalde doeleinden wil opnemen) en wordt daarna vrij opneembaar. Na vier jaar, dus na afloop van 2015, wordt de spaarloonregeling opgeheven.

Vooruitloop op vitaliteitsregeling

Door het sparen in de spaarloonregeling per 2012 al stop te zetten, loopt het ministerie vooruit op de aangekondigde vitaliteitsregeling. Binnenkort zal de Tweede Kamer een brief over het zogenoemde ‘vitaliteitspakket’ ontvangen, waarin is beschreven hoe de levensloopregeling en de spaarloonregeling opgaan in één nieuwe regeling. Dit zal op zijn vroegst met ingang van 2013 gebeuren.