VERDIEPINGSARTIKEL

Met inzet van uw OR blijven werknemers duurzaam inzetbaar

Met fruit op tafel of het vergoeden van een fitnessabonnement proberen veel werkgevers hun werknemers fit en gezond te houden. Duurzame inzetbaarheid gaat echter verder dan gezondheid. Het is het zorgen dat werknemers inzetbaar zijn én blijven voor uw organisatie. Dat is niet alleen van belang voor uw achterban; de hele organisatie plukt er de vruchten van. Zet duurzame inzetbaarheid dus op de agenda!


20 september 2021 4 minuten Door redactie

Dit verdiepingsartikel wordt u aangeboden door Rendement Online en is geschreven door Peter Reinerink, trainer & adviseur medezeggenschap, arbo en duurzame inzetbaarheid bij TRAINIAC, tel.: 06-25 55 52 20, e-mail: peter@trainiac.nl, www.trainiac.nl


‘Zet je geluid eens aan!’is sinds anderhalf jaar een veelgehoorde uitdrukking op het werk. Door het noodgedwongen thuiswerken moesten werknemers opeens veel meer zaken online doen. En dan gaat er weleens iets mis. Zeker bij werknemers die wat meer moeite hebben om de technologische ontwikkelingen bij te houden.

Zo’n plotselinge verandering van de werkwijze brengt aan het licht dat lang niet alle werknemers en organisaties goed voorbereid zijn op de toekomst. Hoe zorgt uw bestuurder ervoor dat werknemers niet alleen nu, maar ook in de toekomst hun werk goed kunnen doen? Duurzame inzetbaarheid is daarbij het sleutelwoord.

Waarom is duurzame inzetbaarheid belangrijk?

Werknemers zijn de motor van de organisatie. Uw bestuurder doet er daarom verstandig aan om ervoor te zorgen dat goede arbeidskrachten aan boord blijven en dat zij tot op hoge leeftijd in staat zijn om hun werkzaamheden uit te voeren. Uw OR kan uw bestuurder motiveren om hier werk van te maken.

Uw OR kan elk onderwerp op de agenda van de overlegvergadering zetten

Uw OR kan elk onderwerp op de agenda van de overlegvergadering zetten. Stelt u uw bestuurder een algemene vraag zoals ‘Wat gaat onze organisatie doen aan duurzame inzetbaarheid?’, dan krijgt u waarschijnlijk een even vaag antwoord. Stel uw bestuurder liever voor dat uw OR bijdraagt aan de totstandkoming van het beleid op duurzame inzetbaarheid. Uw OR heeft tenslotte de taak om samen met uw bestuurder tot passend beleid te komen.

Rol OR bij arbobeleid

Uw OR is betrokken bij het arbobeleid van uw organisatie. Dit is vastgelegd in de stimulerende taken van uw OR (artikel 28, lid 1 WOR) en uiteraard in uw instemmingsrecht (artikel 27, lid 1d WOR).

Door duurzame inzetbaarheid te agenderen bij uw bestuurder, kunt u bevorderen dat er een goed levensloopbeleid in uw organisatie komt. Ook moet uit de risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) (toolbox) blijken hoe uw organisatie omgaat met ouder wordende werknemers.

De RI&E is de basis van het arbobeleid in uw organisatie en omvat alle risico’s, groot of klein, op de voor- of achtergrond, van nu of voor in de toekomst. Maak u er daarom sterk voor dat hierin alle risico’s – dus ook die op de langere termijn – zijn opgenomen.

Dat begint al bij wie de RI&E opstelt en hoe dit gebeurt, want ook daarbij heeft uw OR instemmingsrecht. Instemming van uw OR is dus niet alleen nodig bij het vaststellen en het actualiseren van de RI&E en het bijbehorende plan van aanpak (PvA).

Duurzame inzetbaarheid voor iedereen

Bij risico’s op de lange termijn denkt u in eerste instantie misschien aan een goed ouderenbeleid. Maatregelen om oudere werknemers te ontzien kunnen ook zeker een oplossing zijn als er veel oudere werknemers werkzaam zijn in fysiek zware functies, maar uw bestuurder moet ook oog hebben voor de risico’s bij andere werknemers.

Zo kunnen werknemers met jonge kinderen in een functie met veel verantwoordelijkheden meer behoefte hebben aan flexibiliteit. Bij het opstellen van een levensloopbeleid moet uw bestuurder daarom rekening houden met álle werknemers. Duurzame inzetbaarheid begint dan ook bij inzicht in de organisatie en personeelsopbouw.

Dankzij uw informatierecht (artikel 31 en verder WOR) heeft uw OR recht op gegevens zoals de personeelsopbouw van uw organisatie en de verzuimcijfers. Een goede analyse hiervan biedt inzicht in waar de (toekomstige) knelpunten zitten in uw organisatie. Gebruik ook de andere informatiebronnen die uw OR tot zijn beschikking heeft.

OR kan putten uit diverse informatiebronnen

Uw OR heeft verschillende informatiebronnen binnen handbereik. Die kunt u benutten om inzicht te krijgen in de huidige en toekomstige arbogerelateerde ontwikkelingen in uw organisatie. Bijvoorbeeld:

 

  • HR: opbouw van het personeelsbestand en -verloop en overzicht van de personeelsregelingen;
  • Artikel 24-overleg: visie op het personeelsbeleid en verwachte toekomstige (arbeids)marktontwikkelingen;
  • Bedrijfsarts en preventiemedewerker: ziekteverzuim en preventie;
  • Periodiek Medisch Onderzoek (PMO): algehele gezondheid van uw achterban;
  • Medewerkerstevredenheidsonderzoek: ervaringen van uw achterban.

Bouwstenen voor duurzame inzetbaarheid

Voor elke werknemer en functie gelden andere risico’s, waarvoor verschillende maatregelen nodig zijn. Er worden grofweg drie hoofdcategorieën onderscheiden als bouwstenen van duurzame inzetbaarheid, die elkaar deels overlappen. Dit zijn:

  • Employability: werknemers doen kennis en ervaring op waardoor zij nu en in de toekomst optimaal inzetbaar zijn. Nieuwe omstandigheden vragen om nieuwe kwaliteiten. Kan bijvoorbeeld de machinebediende van nu de operator van morgen zijn?
  • Werkvermogen: de mate waarin een werknemer, geestelijk en lichamelijk, in staat is zijn werk uit te voeren. Past het werk, zoals uw organisatie het aanbiedt, bij de werknemer en zijn persoonlijke situatie, waarden en vaardigheden? Welke mate van flexibiliteit is gewenst en kan uw organisatie bieden?
  • Vitaliteit: mate waarin een werknemer energie, motivatie en veerkracht bezit. Gezondheidsaspecten en de persoonlijke levensstijl hebben hier invloed op.

Quick wins voor duurzame inzetbaarheid

Het opstellen van een volledig afgewogen beleid kan een langdurig proces zijn. U hoeft niet te wachten tot dit proces helemaal is afgerond. In de tussentijd is het mogelijk om alvast enkele ‘quick wins’ in te voeren.

Het opstellen van een volledig afgewogen beleid kan een langdurig proces zijn

Fruit bij het koffieapparaat bijvoorbeeld, draagt bij aan de gezondheid en tevredenheid van werknemers. Een bedrijfsuitje met een sportieve activiteit draagt bij aan het bewustzijn van gezondheid en motiveert collega’s om samen de uitdagingen op het werk aan te pakken. Dit zijn maatregelen die uw OR op de agenda voor de eerstvolgende overlegvergadering kan zetten of als initiatiefvoorstel (artikel 23, lid 3 WOR) kan indienen bij uw bestuurder.

Hoe beter u uw voorstel – liefst met cijfers – onderbouwt, hoe groter de kans dat u uw bestuurder hiermee overtuigt. Uit de Monitor Arbeid van TNO blijkt bijvoorbeeld dat ziekteverzuim een organisatie gemiddeld ongeveer € 400 per werknemer per dag kost. Met deze gegevens kan uw OR uw bestuurder waarschijnlijk snel overtuigen van de noodzaak om beleid op het gebied van duurzame inzetbaarheid te ontwikkelen.

Rol van de cao bij duurzame inzetbaarheid

In veel cao’s staan al diverse regelingen die duurzame inzetbaarheid bevorderen. Zo is in de cao Beroepsgoederenvervoer geregeld dat overuren beperkt moeten worden, omdat dit een negatieve invloed heeft op de gezondheid van chauffeurs.

Het is dan ook zaak dat uw OR zich verdiept in de cao als deze van kracht is. In sommige gevallen mag uw organisatie zo’n regeling zelf verder invulling geven. Hoe uw organisatie dit doet, kan uw bestuurder niet zelf beslissen. Daarbij heeft uw OR namelijk (meestal) instemmingsrecht.

Duurzame inzetbaarheid verdient een vaste plaats op de agenda voor de overlegvergadering. Op basis van de juiste gegevens en de juiste inzet van uw OR, kan uw raad bijdragen aan de totstandkoming van passend beleid. 

Meer informatie over dit onderwerp? Volg de training OR & Arbo.