OR heeft belangrijke rol bij faillissement

Uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) blijkt dat het aantal faillissementen het afgelopen half jaar is afgenomen. Als de overheidssteun in het kader van de coronacrisis wegvalt, zullen veel organisaties alsnog in grote financiële problemen komen. Welke rol speelt de ondernemingsraad bij een (dreigend) faillissement en de periode hierna?

21 oktober 2020 | Door redactie

Dankzij de steunmaatregelen van de overheid is het aantal faillissementen op dit moment lager dan voor de coronacrisis. Maar maatregelen zoals de NOW- of Tozo-regeling kunnen op langere termijn een toename van het aantal faillissementen niet tegenhouden. De verwachting is dan ook dat er een golf van faillissementen komt zodra de overheid de steunmaatregelen aan banden legt. De ondernemingsraad (OR) moet goed weten wat zijn rechten zijn, want bij een faillissement staat de OR zeker niet buitenspel.

OR heeft adviesrecht na aanvraag surseance of faillissement

Bij het aanvragen van surseance (uitstel) van betaling of van een faillissement heeft de OR geen advies- of instemmingsrecht. De raad heeft echter wel adviesrecht bij wat er daarna met de onderneming gebeurt. Tijdens de surseance krijgt een bewindvoerder de zeggenschap over de organisatie. Na het uitspreken van het faillissement is dat de curator. Als zij besluiten willen nemen waarbij de OR volgens artikel 25, lid 1 WOR adviesrecht heeft, moeten zij hierover eerst advies vragen aan de OR. Denk aan de verkoop van (delen van) de organisatie, het aantrekken van een belangrijk krediet of het beëindigen van bedrijfsactiviteiten.

OR moet onder tijdsdruk advies uitbrengen

Bij een faillissement moeten er binnen korte tijd veel belangrijke beslissingen worden genomen over de toekomst van de organisatie. De OR moet dus onder grote tijdsdruk zijn advies formuleren over een mogelijke doorstart. De curator zal bepalen binnen welke termijn de OR zijn advies mag uitbrengen. Deze termijn is minimaal drie dagen. Het beroepsrecht (artikel 25, lid 6 WOR) is in dit geval echter niet van toepassing. Als de curator het OR-advies niet meeneemt in zijn definitieve besluit, hoeft hij dus niet een maand te wachten met de uitvoering van zijn besluit.

OR kan verzet aantekenen tegen faillissement

Is de OR het niet eens met de faillissementsaanvraag, dan kan de OR als belanghebbende verzet aantekenen tegen het faillissement. Bijvoorbeeld als de OR kan aantonen dat de organisatie niet is opgehouden om te betalen of wel degelijk in staat is om aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. Ook in dat geval moet de OR snel handelen. De OR moet dit verzet dan binnen 8 dagen na het uitspreken van het faillissement aangetekend hebben verstuurd.

Duidelijke afspraken met de curator

Bij een faillissement doet de OR er verstandig aan om duidelijke afspraken te maken met de curator over de procedures en gevolgen voor de achterban. En ook al moet de OR snel schakelen, de raad moet zich niet onder druk laten zetten.