Personeelsbeleid familiebedrijf kan beter

De gevleugelde uitspraak luidt dat het voor werknemers bij familiebedrijven voelt als 'één grote familie'. Maar hoewel familiebedrijven er op sommige punten inderdaad positief uitspringen, kunnen zij nog wel een slag maken als werkgever, stellen onderzoekers. Bijvoorbeeld met loopbaanbeleid en flexibele werktijden.

8 mei 2019 | Door redactie

Met het imago van familiebedrijven zit het in het algemeen wel snor. Ze laten zich niet gek maken en ze richten zich op de langere termijn en op harmonie. En ze kunnen goed voor hun werknemers zorgen, omdat het bestuur niet in de nek wordt gehijgd door aandeelhouders die zo veel mogelijk winst willen zien.

Vergelijking personeelsbeleid

Dat laatste beeld is nu getoetst door onderzoekers van het Erasmus Centre for Family Business (ECFB), in samenwerking met accountants- en adviesbureau BDO en Rabobank. Ook heeft het ECFB het personeelsbeleid van familiebedrijven vergeleken met niet-familiebedrijven. Daarbij is een familiebedrijf gedefinieerd als een onderneming waarbij de oprichter of zijn of haar nazaten nog altijd de grootaandeelhouders zijn. Het maakt dus niet uit of er een familielid aan het roer staat of een bestuurder ‘van buiten’.

Familiebedrijf stuurt op loyaliteit

Het onderzoek laat zien dat familiebedrijven wel degelijk een andere stijl hanteren dan ondernemingen zonder familie-inbreng. De meeste familiebedrijven gebruiken het ‘loyaliteitsmodel’. Goed werkgeverschap houdt daarbij in dat de onderneming werknemers bestaanszekerheid biedt. En omgekeerd leggen werknemers bijvoorbeeld minder snel de onderneming plat met een staking. ‘Wederkerige loyaliteit’, dus.
De niet-familiebedrijven gebruiken vaker het ‘mobiliteitsmodel’. Daarbij staat de ontwikkeling van werknemers centraal. De werkgever zorgt ervoor dat werknemers nieuwe vaardigheden aan kunnen leren en voert sneller vernieuwingen door.

Baanzekerheid hoog in het vaandel

Bij de vergelijking van het personeelsbeleid tussen familiebedrijven en niet-familiebedrijven zijn die verschillende modellen ook duidelijk terug te zien. Zo scoren familiebedrijven beter op baanzekerheid en zijn er minder werkonderbrekingen. Maar ze hebben minder vaak een vastgelegd opleidingsbeleid, loopbaanbeleid of een beleid voor flexibele werktijden.

Cultuur combineren met modern werkgeverschap

Die laatste arbeidsvoorwaarden zijn wél dingen waar werknemers op letten. Familiebedrijven kunnen dus nog een aantrekkelijkere werkgever worden door daar meer aandacht aan te geven, staat in de aanbevelingen van de onderzoekers.
Een andere is om de ‘patriarchale structuur’ de deur uit te doen. De oprichter heeft vaak een duidelijke stempel gedrukt op het familiebedrijf. Maar in plaats van duidelijke leiding van bovenaf kan een andere houding verstandiger zijn, waarbij werknemers meer vrijheid krijgen. Tegelijkertijd is een belangrijke tip van de onderzoekers om niet de kracht van de historie en eigen bedrijfscultuur overboord te gooien. De kunst is juist om die basis te koesteren en die te ‘combineren met een moderne invulling van het werkgeverschap.

Bijlagen bij dit bericht

Opleiden
E-learning | VideoCollege 29 minuten