Overheidssteun corona niet altijd volgens de regels

De rijksoverheid heeft de afgelopen maanden voor € 62,7 miljard aan garanties en leningen verstrekt voor het opvangen van de economische gevolgen van de coronacrisis. Uit onderzoek van de Algemene Rekenkamer blijkt dat dat niet altijd is gebeurd volgens de regels die gelden bij het verstrekken van risicoregelingen.

1 december 2020 | Door redactie

Regels voor het verstrekken van risicoregelingen zijn na de kredietcrisis van 2008 aangescherpt om te hoge financiële risico’s voor de rijksoverheid te voorkomen. Het uitgangspunt daarbij is ‘nee, tenzij’. De regels voor deze vorm van financiering zijn in de afgelopen coronaperiode niet altijd consequent gevolgd, blijkt uit het onderzoeksrapport (pdf) van de Algemene Rekenkamer van 25 november 2020. Zo hebben bijvoorbeeld ministers bij zes van de 22 regelingen het verplichte toetsingskader niet gebruikt voor het bepalen of een lening of garantie passend is.

Risicoregelingen voor ondernemingen

Tussen maart en eind augustus 2020 heeft de rijksoverheid zich met veertien risicoregelingen garant gesteld voor met name steun aan ondernemingen en de zorgsector. Daarmee is het financiële risico voor de rijksoverheid in vijf maanden met € 60,9 miljard toegenomen. Het financiële risico van de afgegeven garantstellingen is in de coronacrisis bijna even hoog als op het hoogtepunt van de kredietcrisis. Het gaat om garanties bij steun aan ondernemingen, zoals de herverzekering van leverancierskrediet en borgstellingen voor het midden- en kleinbedrijf. Garantieverstrekkingen hebben geen directe gevolgen voor de overheidsuitgaven. De overheid moet wel alsnog geld betalen als de garantie wordt ingeroepen.

Voor € 1,8 miljard leningen

Naast de garantstellingen heeft de rijksoverheid tijdens de coronacrisis voor € 1,8 miljard leningen verstrekt. Bij leningen loopt de overheid het risico dat deze niet volledig terugbetaald worden of dat de bijhorende rente niet meer kan worden betaald.
De Algemene Rekenkamer stelt een evaluatie van de regels voor, zodat kabinet en parlement kunnen bepalen of specifieke regels voor risicoregelingen in crisissituaties nodig zijn.