VERDIEPINGSARTIKEL

Kredietverstrekking door ondernemers

Alternatieve financiering wint aan populariteit, blijkt uit een recent onderzoek van de Stichting MKB-financiering. De markt van non-bancaire financiering in Nederland bestaat uit factoring (29%), crowdfunding (23%), lease (24%), Direct Lending (21%), MKB Beurs (2%) en kredietunies (1%). Kredietunies genieten dus minder bekendheid dan andere alternatieve financieringsvormen. Jammer, want ondernemingen kunnen daar juist veel profijt van hebben.


8 november 2019 5 minuten Door redactie

Dit verdiepingsartikel wordt u aangeboden door Rendement online.


Kredietunies richten zich, zoals de meeste alternatieve financieringsvormen, vooral op mkb-ondernemingen die moeilijk via de bank aan financiering kunnen komen. Als gevolg van de kredietcrisis van een kleine tien jaar geleden hebben veel banken hun voorwaarden voor het verstrekken van krediet aangescherpt. Als antwoord daarop werden verschillende alternatieve financieringsvormen uit de grond gestampt. Kredietunies zijn daar een voorbeeld van. Vooral in Ierland en de Verenigde Staten zijn kredietunies populair. In deze landen worden ze gereguleerd door een wet die speciaal daartoe in het leven is geroepen.

De verschillende vrijstellingen voor kredietunies

Op 1 januari 2016 werd de Wet toezicht kredietunies van kracht. Sindsdien is er onderscheid tussen kredietunies met een kleine omvang en overige kredietunies. De wet heeft de volgende gevolgen gehad:

  • Kredietunies zijn vrijgesteld van het aanvragen van een bankvergunning als zij maximaal € 10.000.000 aan opvorderbare gelden aantrekken, op voorwaarde dat de leden geïnformeerd worden over het ontbreken van de vergunning en het bijbehorende toezicht.
  • Kredietunies die niet meer dan 25.000 leden hebben, hoeven geen bankvergunning meer aan te vragen. Als er niet aan deze voorwaarden is voldaan, mag er gebruikgemaakt worden van een speciale vergunningplicht. Dit geldt als er niet meer dan € 100.000.000 aan opvorderbare gelden is aangetrokken of als er meer dan 25.000 leden zijn.
  • Als het totale bedrag aan opvorderbare gelden groter is dan € 100.000.000, kan een kredietunie geen gebruik maken van de vergunningvrijstelling.

Makkelijker

Kredietunies zijn coöperaties zonder winstoogmerk die zich richten op kredietverlening. Deze samenwerkingsvormen van ondernemingen richten zich op een bepaalde regio of branche. Voorbeelden van regionale kredietunies zijn Kredietunie Brabant, Kredietunie Haarlemmermeer en Financieringsfonds MKB Drechtsteden. Kredietunie Bakkerij Ondernemers (KBO), Kredietunie Visserij en Binnenvaart Kredietunie Nederland zijn unies die zich richten op een specifieke branche. De leden – allemaal ondernemingen – bepalen samen het beleid, kiezen het bestuur en zijn samen eigenaar van de unie. Elke aangesloten onderneming kan een verzoek tot financiering indienen bij de kredietunie. Uit het geld van de kredietunie, binnengehaald via ledencertificaten of obligaties, wordt een lening al dan niet verstrekt. Leden van de kredietunie delen dus samen het investeringsrisico. Door risicospreiding kunnen ondernemers verantwoord geld uitlenen en kunnen afnemers makkelijker een lening krijgen dan bij een bank.

Kredietnemers kunnen een beroep doen op een coach

Coach

Kredietnemers kunnen een beroep doen op een coach, die ook aangesloten is bij de kredietunie. Met de coach bespreekt de kredietnemer onder andere de strategie, investeringen en bedrijfsvoering. Alle deelnemers aan de kredietverstrekking delen aan het eind van het jaar in de eventuele winst.

Looptijd

Net als een bank vraagt een kredietunie om rente en stelt voorwaarden aan kredietverlening. Kredietunies verschaffen lineaire leningen van € 50.000 tot € 250.000 met een looptijd tussen de één en tien jaar. Kredietunies zijn vooral geschikt voor mkbondernemingen tot een omvang van maximaal vijftig medewerkers. Jaarlijks wordt er tussen de € 25 en € 50 miljoen gefinancierd via kredietunies.

Rol

Kredietunies financieren geen rekeningcourantkrediet en geen onroerend goed voor de lange termijn (twintig jaar), maar soms wel voor de korte termijn (tien jaar). Ook bij bedrijfsovernames kan een kredietunie een rol spelen. De verkoper van de onderneming financiert dan mee via de kredietunie.

Stapelfinanciering

In het kader van stapelfinanciering werken kredietunies samen met andere financiers zoals banken, crowdfundingplatforms, Qredits en informal investors. Hoewel een kredietunie dus maximaal € 250.000 uitleent, is het mogelijk om via stapelfinanciering aan een hoger bedrag te komen.

Onderpand

Voor alle kredietunies geldt de Borgstelling MKB-kredieten (BMKB). Ondernemingen kunnen via de BMKB-regeling leningen verkrijgen als zij geen krediet kunnen krijgen bij de bank vanwege onvoldoende zekerheden (onderpand). Daarnaast moeten zij aan de volgende voorwaarden voldoen: maximaal 250 werknemers, een jaaromzet tot € 50 miljoen of een balanstotaal van
€ 43 miljoen. De overheid stelt zich via de BMKB-regeling garant voor de financiering voor ondernemingen. De onderneming moet daarbij voldoende uitzicht hebben op rentabiliteit en continuïteit.

Tand

Hoewel een onderneming door een kredietunie meer kans maakt op financiering, wordt de ondernemer bij elke aanvraag stevig aan de tand gevoeld. Heeft u zelf interesse in financiering via een kredietunie? Koop dan een lidmaatschapsbewijs bij de kredietunie die bij u past. Zorg er bij uw financieringsaanvraag voor dat u een goed onderbouwd ondernemingsplan heeft inclusief een investeringsplan waarin u voorstelt hoe u de lening graag zou willen terugbetalen. Het voordeel van een kredietunie is dat elke aanvraag als maatwerk wordt behandeld. Banken hebben niet die mogelijkheid. Zij zijn gebonden aan interne en externe regelgeving.

We onderscheiden het klassieke model en het bemiddelingsmodel

Het aanbod van alternatieve financieringsvormen

Er zijn nog meer alternatieve financieringsvormen. De populairste hebben wij voor u op een rijtje gezet.

  • Crowdfunding: een grote groep beleggers investeert gezamenlijk in een project of onderneming. Vraag en aanbod vinden online plaats via een platform.
  • Direct Lending: een vorm van ondernemingsfinanciering waarbij niet-bancaire geldverstrekkers rechtstreeks leningen verstrekken aan bedrijven. Meerdere geldverstrekkers werken samen in een fonds dat als financier optreedt voor ondernemers.
  • MKB Beurs: een platform waarbij beleggers rechtstreeks investeren in bedrijven. Dat kan in de vorm van aandelen en obligaties. De certificaten van aandelen en de obligaties zijn verhandelbaar.
  • Lease: er zijn twee vormen van lease. De financial lease is een annuïteitenlening op een object. Daarnaast is er operational lease, een leenovereenkomst waarbij de gebruiker aan het einde van de huurperiode kooprecht heeft.
  • Factoring: een debiteurenfinanciering, waarbij een factormaatschappij een voorschot op de uitstaande vorderingen van een onderneming verstrekt als financiering.

Kunde

Een ander voordeel van de kredietunie is dat een kredietnemer een beroep kan doen op de kennis en kunde van de andere ondernemers die zijn aangesloten bij de kredietunie. Zij hebben allemaal veel branche- of lokale kennis in huis. Ondernemers die gefinancierd zijn, investeren zelf daarna weer in andere ondernemers via het ‘pay-it-forward’-principe.

Model

Er zijn twee soorten kredietunies: het klassieke en het bemiddelingsmodel. Bij het klassieke model wordt krediet uitsluitend namens alle inleggende leden verstrekt. Het volledige risico maar ook het eventuele rendement wordt gezamenlijk gedeeld.

Bij het bemiddelingsmodel wordt één lid of worden meerdere leden als individuele investeerders gekoppeld aan één kredietvrager. Bij het bemiddelingsmodel worden het risico en het rendement alleen gedeeld door de leden die hebben geïnvesteerd.

Brancheverenigingen

Kredietunies kennen twee brancheverenigingen. Binnen Kredietunie Nederland wordt alleen volgens het klassieke model gewerkt. Kredietunies aangesloten bij de Vereniging Samenwerkende Kredietunies werken zowel volgens het klassieke model als het bemiddelingsmodel. Zij kennen ook nog de hybride constructie: een combinatie van het klassieke en het bemiddelingsmodel.