Per 2016 aanpassing fiscale eenheid VPB

Op basis van een beleidsbesluit kunt u nu een fiscale eenheid vennootschapsbelasting (VPB) vormen als er sprake is van een tussenliggende buitenlandse vennootschap. De wet moet nog wel op dit punt aangepast worden. Staatssecretaris Wiebes heeft daarom recent het wetsvoorstel Wet aanpassing fiscale eenheid naar de Tweede Kamer gestuurd.

21 oktober 2015 | Door redactie

Om een fiscale eenheid VPB te vormen moesten alle betrokken vennootschappen in Nederland zijn gevestigd. De rechter vond dat echter in strijd met de vrijheid van vestiging. Staatssecretaris Wiebes van Financiën moest de fiscale eenheid VPB daarom in overeenstemming brengen met het Europees recht. De nieuwe regels zijn, vooruitlopend op nieuwe wetgeving, opgenomen in een beleidsbesluit. Per 1 januari 2016 wil de staatssecretaris de wet op dit punt wijzigen.

Niet langer in Nederland gevestigd

De wetswijziging maakt het mogelijk dat u onder voorwaarden toch een fiscale eenheid kunt vormen:

  • tussen zustermaatschappijen als de aandelen worden gehouden door een moedermaatschappij die is gevestigd in een andere lidstaat van de Europese Unie (EU);
  • tussen een moedermaatschappij en een kleindochter in Nederland als de tussenliggende dochtermaatschappij in een andere lidstaat van de EU is gevestigd.

Het is dus niet langer vereist dat alle betrokken vennootschappen in Nederland zijn gevestigd. De overige voorwaarden voor een fiscale eenheid VPB (tool) blijven in tact.

Wet aanpassen bij ongewenste situaties

Het is volgens de staatssecretaris nog onduidelijk wat precies de gevolgen zijn van de wetswijziging. Mochten er zich ongewenste situaties voordoen, dan zal hij indien nodig de wet aanpassen. Daarnaast hebben recente en toekomstige arresten van het Europese Hof van Justitie (zoals de zaak Groupe Steria, C-386/14) mogelijk ook nog gevolgen voor de fiscale eenheid VPB. De gevolgen van deze arresten moet de staatssecretaris nog verder onderzoeken.