Wel aansprakelijk voor schuld FE, geen boete

Als uw bv met andere ondernemingen deel uitmaakt van een fiscale eenheid BTW, is uw bv ook aansprakelijk voor de BTW-schulden van de hele fiscale eenheid. U hoeft echter geen boete te betalen als u aan kunt tonen dat niet uw bv verantwoordelijk is voor het ontstaan van die schulden.

4 mei 2015 | Door redactie

In een recente zaak draaide het om een bv die samen met haar holding sinds 2004 deel uitmaakte van een fiscale eenheid BTW. In 2007 verkocht de holding de aandelen van de bv aan een derde en werd de fiscale eenheid verbroken. In de tussentijd bleek uit een boekenonderzoek dat er te weinig BTW was betaald door de fiscale eenheid. De naheffingsaanslag uit 2009 bleef echter onbetaald. In 2011 stelde de Belastingdienst de bv, die in die periode deel uitmaakte van de fiscale eenheid, aansprakelijk voor het openstaande bedrag. Daarnaast zou de bv ook moeten opdraaien voor de boete en de invorderingsrente die ontstond door het niet betalen van de naheffingsaanslag.

Medeaansprakelijk in de fiscale eenheid

De bv was het echter niet eens met die aansprakelijkheidsstelling. Ze stelde dat de schuld bij de holding was ontstaan, en ze weigerde er daarom voor op te draaien. Hier ging de rechter niet in mee. De schuld was weliswaar ontstaan bij de holding, maar de fiscale eenheid was de uiteindelijke belastingplichtige. De bv kwam daarom niet onder die aansprakelijkheidsstelling uit. De bv draaide echter niet op voor de boete, heffingsrente, invorderingskosten en invorderingsrente. Ze had namelijk aangetoond dat ze geen schuld had aan het ontstaan van de belastingschuld. Bovendien was de belastingschuld pas bekend geworden nadat de bv geen deel meer uitmaakte van de fiscale eenheid. Ze kon dus niet aansprakelijk gehouden worden voor de boete en het oplopen van de schuld omdat ze geen invloed meer uit kon oefenen op het op tijd betalen van de naheffingsaanslag.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant,15 januari 2015, ECLI (verkort): 101