Flexwerker krijgt sneller vast contract

Het kabinet wil het steeds grotere verschil tussen werknemers met een vast en werknemers met een flexibel contract tegengaan, zo blijkt uit de Miljoenennota. In het sociaal akkoord werd eerder al afgesproken om de positie van flexwerkers te verbeteren, onder andere door de ketenbepaling te verkorten. Verder wil het kabinet schijnconstructies tegengaan.

19 september 2013 | Door redactie

Vanaf 1 januari 2015 zal het kabinet verschillende aanpassingen in het arbeidsrecht doorvoeren om de positie van flexwerkers te versterken. Het kabinet wil onder meer voorkomen dat werkgevers werknemers te lang in dienst houden op basis van flexibele contracten. De sociale partners regelden in het sociaal akkoord dat de ketenbepaling wordt verkort, waardoor werknemers straks al na twee jaar een vast contract krijgen. Nu is dat nog na drie tijdelijke contracten of na een periode van drie jaar. Ook mag er dan geen proeftijd staan in een arbeidsovereenkomst van zes maanden of korter. Opvolgende arbeidsovereenkomsten waar minder dan zes maanden (nu drie maanden) tussen zit, tellen gewoon mee in de keten.

Ontslagvergoeding omzetten in transitiebudget

Om de balans tussen vast en flexibel werk te herstellen, is ook aanpassing nodig van de bescherming die werknemers met een vast contract hebben. Daarvoor is een wijziging van het ontslagrecht nodig. Zo wil het kabinet de ontslagvergoeding omzetten in een zogenoemd transitiebudget. Dat budget kan een werknemer inzetten voor scholing om zo de kans op een nieuwe baan te vergroten.

Inspectie SZW pakt schijnconstructies aan

In 2014 komt € 2 miljoen beschikbaar om schijnconstructies te bestrijden. Met dit geld kan de Inspectie SZW 15 extra inspecteurs inzetten. Het kabinet wil schijnconstructies aanpakken, omdat dit leidt tot een onderbetaling, uitbuiting en oneerlijke concurrentie op de arbeidsvoorwaarden. Denk ook aan een vaste werknemer die na zijn ontslag hetzelfde werk uitvoert als schijnzelfstandige (flexibele werknemer). Door middel van schijnconstructies kunnen werkgevers voorkomen dat ze het minimumloon hoeven te betalen door werknemers veel langer te laten werken voor dit minimumloon dan is toegestaan. Als arboprofessional kunt u de Inspectie SZW inschakelen als u vermoedt dat een bepaalde organisatie gebruik maakt van schijnconstructies.