Regels voor inzet flexwerker nu strenger

Met ingang van 1 januari zijn de regels voor de inzet van tijdelijke werknemers flink aangescherpt door de invoering van het eerste deel van de maatregelen uit de Wet werk en zekerheid (WWZ). Waar moet u nu op letten als u een tijdelijke werknemer inhuurt?

8 januari 2015 | Door redactie

De Wet werk en zekerheid hervormt onder andere het ontslagrecht, maar die regels gaan pas op of na 1 juli 2015 in. U moet vanaf 1 januari 2015 wel rekening houden met de nieuwe regels rondom tijdelijke contracten. Staat u dus op het punt om een tijdelijke werknemer aan te nemen voor uw bv, houd dan rekening met deze nieuwe regels.

Strengere regels voor proeftijd en concurrentiebeding

U moet vanaf nu rekening houden met de volgende aanscherpingen van de regels voor de inzet van tijdelijke werknemers:

  • U mag geen proeftijd meer opnemen in tijdelijke contracten van zes maanden of korter.
  • U mag alleen nog een concurrentiebeding in tijdelijke contracten opnemen als u hiervoor zwaarwegende bedrijfsbelangen heeft.
  • U bent verplicht om een aanzegtermijn te hanteren bij tijdelijke contracten van zes maanden of langer: u moet uiterlijk één maand voorafgaand aan het einde van het contract schriftelijk laten weten of u het contract verlengt en onder welke voorwaarden. Dus ook als u wél verlengt, moet u dat tijdig aangeven.
  • Bij oproepovereenkomsten en nulurencontracten geldt na drie maanden dat het aantal afgesproken uren per maand minstens moet overeenkomen met het gemiddeld aantal gewerkte uren in de voorafgaande drie maanden. Na deze drie maanden bent u verplicht om loon te betalen over het aantal afgesproken uren.
  • Payrollers hebben dezelfde ontslagbescherming als werknemers die rechtstreeks bij u in dienst zijn. Volgens de nieuwe regels mogen deze krachten niet meer ontslagen worden als de payrollovereenkomst wordt opgezegd. U las hier al over in het bericht ‘Nieuwe wetgeving voor uw payrollers’.
  • Uitzendkrachten hebben na maximaal 78 weken recht op een tijdelijk contract.