Steeds meer organisaties gaan aan de slag met het nieuwe beoordelen. Geen periodieke functionerings- en beoordelingsgesprekken meer, maar een continue dialoog waarbij het accent ligt op de talenten van de werknemer. Maar is dit juridisch gezien wel verstandig? Overweeg zorgvuldig de valkuilen voordat je een nieuw beoordelingssysteem gaat hanteren.
Dit verdiepingsartikel is geschreven door Pascal Willems, advocaat bij WVO Advocaten, e-mail: pwillems@wvo-advocaten.nl
De wet bevat geen nadrukkelijke verplichting om jaarlijks – of met een andere interval – functionerings- of beoordelingsgesprekken met werknemers te voeren. Soms bevatten cao’s zo’n verplichting in enige vorm wel, maar in de meeste gevallen kan een organisatie aan het beoordelen van werknemers zelf een invulling geven.
Als het beoordelen gebruikt wordt in een juridische procedure, bijvoorbeeld om tot ontslag (wegens disfunctioneren) te komen, blijkt uit de jurisprudentie dat rechters voorwaarden stellen aan het beoordelen van werknemers.
Voor ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens disfunctioneren (tool) is vereist dat sprake is van ongeschiktheid van de werknemer t