Staatssecretaris laat afroommethode rusten

De staatssecretaris van Financiën heeft laten weten niet in cassatie te gaan tegen een uitspraak van Gerechtshof Amsterdam. Het gerechtshof oordeelde dat de fiscus de afroommethode niet zomaar mag toepassen zonder overtuigend bewijs.

23 juni 2014 | Door redactie

In het bericht ‘Niet afromen bij de orthodontist’ las u al dat de fiscus bakzeil haalde bij Gerechtshof Amsterdam over het toepassen van de afroommethode. Het ging in die zaak om een orthodontist die als dga in haar eigen praktijk werkte. De fiscus had voor de bepaling van de hoogte van haar gebruikelijk loon de afroommethode toegepast, maar had onvoldoende bewezen waarom de afroommethode de beste methode zou zijn. De fiscus had ter bewijsvoering gegevens aangeleverd over beloningen van tandartsen, maar de orthodontist vond dat die vergelijking niet opging. Het gerechtshof Amsterdam keurde de afroommethode daarom af.

Afroommethode favoriet bij Belastingdienst

In eerste instantie was de staatssecretaris van plan om tegen de uitspraak van het gerechtshof Amsterdam in cassatie te gaan. De fiscus maakt namelijk graag gebruik van de afroommethode om de hoogte van uw gebruikelijk loon te bepalen, aangezien het een eenvoudige manier is om de hoogte van het gebruikelijk loon vast te stellen en een aanslag op te leggen. Bij de afroommethode stelt de fiscus de hoogte van uw gebruikelijk loon vast aan de hand van de winst van uw bv. De bewijslast ligt dan wel bij de inspecteur, die moet kunnen bewijzen dat de winst van een bv voor tenminste 90% voortvloeit uit de werkzaamheden van de dga.

Staatssecretaris ziet af van cassatie

De Hoge Raad oordeelde eerder al dat dit niet toegestaan is als de opbrengsten niet uitsluitend afkomstig zijn van uw werkzaamheden als dga, maar bijvoorbeeld ook dankzij andere werknemers. Hoewel de staatssecretaris van mening is dat de inspecteur orthodontisten wel met tandartsen mocht vergelijken, vindt hij het oordeel van het Gerechtshof niet volstrekt onbegrijpelijk. Hij verwacht dan ook geen succes bij cassatie en laat de zaak daarom rusten.