Transitievergoeding

Belangrijkste links over de transitievergoeding:

Berekenen van transitievergoeding

Voor werknemers met dienstverbanden die twee jaar of langer hebben geduurd – zowel tijdelijke als vaste contracten – betaalt de werkgever sinds 1 juli 2015 bij ontslag een transitievergoeding met een maximum van € 81.000 (in 2019) of een jaarsalaris als dat hoger is dan € 81.000. In de arbeidsovereenkomst kan een hogere vergoeding worden afgesproken. De werkgever is degene die de transitievergoeding moet berekenen.

Bij wederzijds goedvinden zelf een vergoeding afspreken

De werknemer kan de transitievergoeding gebruiken voor het vinden van een nieuwe baan, bijvoorbeeld om omscholing of jobcoaching te bekostigen. Hij heeft recht op een transitievergoeding van de werkgever als er sprake is van één van de volgende situaties:

  • het ontslag op initiatief van de werkgever tot stand is gekomen;
  • na toestemming van UWV het dienstverband is opgezegd;
  • de kantonrechter de arbeidsovereenkomst heeft ontbonden;
  • op initiatief van de werkgever het tijdelijke contract niet wordt verlengd;
  • de werkgever ernstig verwijtbaar heeft gehandeld.

Als de werkgever en werknemer de samenwerking met wederzijds goedvinden beëindigen via een vaststellingsovereenkomst, is er geen wettelijk recht op een transitievergoeding. Het staat de werkgever dus vrij om zelf een ontslagvergoeding met de vertrekkende werknemer af te spreken.

Belangrijke links vanuit de overheid:

 

Tools

E-learning

WWZ deel 5: Transitievergoeding
Videocollege
10 minuten
Publicatiedatum: 20-10-2014

Vraag en antwoord

Mag transitievergoeding op de laatste gewone loonstrook?
De afrekening over het laatste salaris van de vertrekkende werknemer moet gebeuren onder inhouding van loonbelasting/ premie volksverzekeringen volgens de witte tijdvaktabel. De transitievergoeding die uw onderneming hem moet betalen, kwalificeert als een eenmalige uitkering van loon uit... Lees het hele antwoord