Bezwaren box 3 vanwege individuele buitensporige last moet u motiveren

Belastingplichtigen die een bezwaarschrift hebben ingediend tegen de box 3-heffing over 2017 kunnen door de fiscus gevraagd worden hun bezwaar te motiveren. Zij moeten dan in hun bezwaar hebben aangegeven dat zij vinden dat de box 3-heffing een individuele buitensporige last is.

8 oktober 2018 | Door redactie

De Belastingdienst is een splitsing aan het maken van bezwaarschriften (tool) tegen de vermogensrendementsheffing (tool) over 2017. Er zijn namelijk in de bezwaren twee standpunten gemeld waarom de vermogensrendementsheffing niet rechtvaardig zou zijn. Het eerste is dat de box 3-heffing in strijd is met artikel 1 van het EVRM (eigendomsrecht) en het tweede luidt dat de heffing een individuele buitensporige last is. Alleen de bezwaren die gaan over de vraag of de box 3-heffing een inbreuk is op het eigendomsrecht kunnen meelopen in de massaalbezwaarprocedure.

Aantonen met inkomensgegevens

Voor wat betreft de bezwaarschriften waarin is aangekaart dat de heffing een individuele buitensporige last is, wil de Belastingdienst nu van de betreffende belastingplichtigen een motivering ontvangen. Daarbij is het niet voldoende dat een belastingplichtige aangeeft dat de heffing hoger is het daadwerkelijk genoten rendement. Hij moet bijvoorbeeld met inkomensgegevens en zijn vermogenspositie kunnen aantonen dat er daadwerkelijk sprake is van een individuele buitensporige last. De inspecteur beoordeelt ieder gemotiveerd bezwaarschrift ook apart.
De bezwaarschriften die kunnen meelopen in de massaalbezwaarprocedure worden door de fiscus aangehouden totdat de Hoge Raad zich er in een arrest over uitspreekt.  

Box 3-heffing in 2019

In het Belastingplan 2018 was al aangegeven dat met ingang van 2018 voor de bepaling van het forfaitaire rendement op sparen dichter bij het actuele gemiddelde werkelijke rendement moest worden aangesloten. Voor 2019 is het gemiddelde spaarrendement in de periode juli 2017 tot en met juni 2018 bepalend. De spaarrente is in die periode ten aanzien van de periode ervoor weer flink gedaald. Het rendement voor sparen voor 2019 wordt 0,13%. Het langetermijnrendement voor beleggingen voor 2019 komt uit op 5,60%.