NOB: aanpassing box 3-heffing al per 2020 nodig

De Nederlandse Orde van Belastingadviseurs (NOB) heeft aangegeven dat de aangekondigde aanpassingen van box 3 eerder moeten ingaan, graag al per 1 januari 2020. Als dit niet mogelijk is, moeten de spaarders per 2020 een hogere vrijstelling krijgen of/en er moet in schijf 1 rekening worden gehouden met een 100% (nu 67%)-rendement op spaargelden.

30 september 2019 | Door redactie

De NOB heeft geregeerd op de Kamerbrief van de staatssecretaris van Financiën over de aanpassing van de box 3-heffing. De Orde geeft aan dat het wel even heeft geduurd maar dat de aanpassingen die nu bekend zijn gemaakt leiden tot een betere aansluiting van de heffing op spaargeld (tool) bij het echte rendement. Maar de Orde is er niet over te spreken dat de wijzigingen pas per 1 januari 2022 ingaan. De NOB ziet liever een ingangsdatum van 1 januari 2020.

Vrijstelling per 2020 omhoog

De Orde snapt echter dat de wetswijziging de nodige parlementaire en IT-wegen moet bewandelen, maar dat ernaar gestreefd moet worden om de nieuwe heffing per 2021 in werking te laten treden. Als dit niet mogelijk is stelt de NOB voor om per 1 januari 2020 dan in ieder geval - om de spaarder tegemoet te komen - de vrijstelling te verhogen en/of  het in schijf 1 in aanmerking te nemen rendement voor de rendementsklasse spaargeld op 100% te stellen in plaats van het nu nog geldende percentage van 67. Hierdoor sluit het inkomen uit spaargeld weer wat beter aan bij het werkelijke rendement.

Bijlagen bij dit bericht