Aandelenfusie die drijft op fiscaal voordeel geweigerd

Wie de organisatiestructuur van een onderneming gaat veranderen kan soms een beroep doen op de regeling voor de aandelenfusie. Die kan ook fiscaal voordelig zijn. Maar als het de aanvrager vooral te doen is om de belastingvoordelen mag de inspecteur de aandelenfusie weigeren, zo heeft het gerechtshof in Arnhem bevestigd.

9 februari 2021 | Door redactie

Er kunnen allerlei redenen zijn om de organisatiestructuur van een onderneming op de schop te nemen (artikel). Bijvoorbeeld omdat er te veel werkmaatschappijen zijn die een mogelijke bedrijfsverkoop (infographic) bemoeilijken. Dan kan het handig zijn om alle activiteiten samen te voegen of juist een activiteit af te splitsen en die niet verkopen.

Holding opzetten met een aandelenfusie

Een veel voorkomende reden voor herstructurering is het opzetten van een holding boven een werkmaatschappij. Dan kan de eigenaar van de aandelen in de werkmaatschappij zijn aandelen aan de nieuwe holding geven, en in ruil daarvoor krijgt hij aandelen in die holding. Bij zo’n transactie zou de eigenaar inkomstenbelasting moeten afrekenen in box 2 vanwege de verkoop van de aandelen. Om die belastingclaim door te schuiven kan de ondernemer een beroep doen op de aandelenfusieregeling. De inspecteur moet dat goedkeuren. Eén van de voorwaarden voor die goedkeuring is dat de aandelenfusie niet ‘het ontgaan of uitstellen van belastingheffing’ als belangrijkste drijfveer heeft.
Om die eis draaide het ook in de zaak bij het Arnhemse gerechtshof. Het ging hier om een voorgenomen verkoop. De ondernemer hield via een holding alle aandelen in verschillende werkmaatschappijen. Hij wilde dit alles onderbrengen in een nieuwe holding en die verkopen. Hij vroeg de inspecteur om voor die herstructurering een aandelenfusie goed te keuren. Maar die weigerde dat.

Hof: aandelenfusie heeft vooral fiscaal motief

Volgens de inspecteur was de aandelenfusie niet ingegeven door zakelijke motieven, maar vooral om een rekening van bijna € 9,2 miljoen aan inkomstenbelasting te voorkomen. De voorgenomen verkoop kon ook prima plaatsvinden zónder de aandelenfusie, aldus de inspecteur. Ook het gerechtshof concludeerde dat de aandelenfusie alleen nodig was om de belastingrekening in box 2 te voorkomen. Andere motieven voor de aandelenfusie die de ondernemer had aangedragen, zoals dat de herstructurering een betere verkoopprijs zou opleveren, vond het hof niet overtuigend. De aandelenfusie was daarom terecht geweigerd.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 26 januari 2021, ECLI (verkort): 763