Bosbouwvrijstelling vervalt per 1 januari 2029
Het kabinet stelt voor om de bosbouwvrijstelling per 1 januari 2029 af te schaffen. De bosbouwvrijstelling is een regeling waarbij voordelen uit een bosbedrijf zijn vrijgesteld van inkomstenbelasting dan wel vennootschapsbelasting. Dit is te lezen in de Prinsjesdagplannen, die het kabinet op dinsdag 15 september 2026 presenteerde.
De voorgestelde afschaffing vloeit voort uit de motie-Dassen, waarin wordt opgeroepen om enkele fiscaal negatief geëvalueerde regelingen te beëindigen. De bosbouwvrijstelling is onlangs door SEO Economisch Onderzoek beoordeeld in het rapport ‘Evaluatie fiscale regelingen bos-, natuur- en cultuurgrond’. Volgens de onderzoekers is de regeling onvoldoende doeltreffend en doelmatig.
Subsidie in plaats van regeling
Bosbouwbedrijven vormden de beoogde doelgroep van de regeling, maar maken in de praktijk beperkt gebruik van de vrijstelling van inkomstenbelasting (IB) dan wel vennootschapsbelasting (VPB). Dat komt doordat bosbouwbedrijven weinig tot niet winstgevend zijn. SEO concludeert daarom dat een subsidie waarschijnlijk beter aansluit bij het beleidsdoel dan een fiscale regeling.
Belastingstelsel wordt eenvoudiger
Met de afschaffing wordt het belastingstelsel eenvoudiger. Het kabinet stelt geen overgangsrecht voor. De maatregel raakt naar verwachting vooral niet-bosbouwbedrijven. Daarmee treft de afschaffing vooral partijen die niet tot de oorspronkelijke doelgroep van de regeling behoren. Het kabinet sluist € 5 miljoen van de opbrengst van de maatregel via de begroting van het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur terug naar het natuurbeleid.
Download de belangrijkste Prinsjesdagstukken in pdf, zodat je snel de achtergrondinformatie bij de hand hebt.