Box 3 wordt mogelijk strijdig met EU-regels

De Hoge Raad heeft zich in een arrest kritisch uitgelaten over de vermogensrendementsheffing. De Hoge Raad stelt dat deze in strijd kan zijn met het Europese Verdrag van de Rechten van de Mens als het veronderstelde rendement van 4% jarenlang niet gehaald wordt.

10 april 2015 | Door redactie

Hoewel dit arrest draaide om een WOZ-beschikking, poneerde de Hoge Raad in de motivering een interessante stelling. De belanghebbende had namelijk gesteld dat de manier waarop de belastingheffing over vermogen plaatsvindt, in strijd is met het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM). De Hoge Raad stelde dat dit in principe niet het geval is, aangezien de Nederlandse wetgever een ruime beoordelingsbevoegdheid heeft. Dit zou echter wel in strijd kunnen zijn met het EVRM als het veronderstelde rendement van 4% over een lange reeks van jaren niet gehaald wordt. Met het oog op de rentestanden die al jarenlang onder de 4% liggen, is dit dus een relevante uitspraak.

Kans op succes bij bezwaar mogelijk groter

In het Financieele Dagblad stellen juristen dat het arrest van de Hoge Raad u mogelijk een handvat biedt als u bezwaar wilt maken tegen de manier waarop belasting wordt geheven over uw vermogen. De Hoge Raad heeft echter wel expliciet aangegeven dat de belastingheffing in box 3 op dit moment niet in strijd is met het EVRM, maar dat dit in de toekomst mogelijk het geval zou kunnen zijn.

Kritiek op box 3 zwelt aan

De kritiek op de manier waarop belasting wordt geheven in box klinkt steeds luider. U betaalt namelijk 30% belasting over een forfaitair rendement van 4% over een vermogen van iets meer dan € 21.000. U las hier al over in het bericht ‘Alternatieven voor de vermogensheffing?’. Het kabinet heeft al laten weten om bij de brede herziening van het belastingstelsel te kijken naar alternatieven voor deze belasting.
Hoge Raad, 3 april 2015, ECLI (verkort): 812