BTW-ondernemer niet automatisch ook IB-ondernemer

Iemand die voor de BTW als BTW-ondernemer wordt beschouwd is niet automatisch dan ook ondernemer voor de inkomstenbelasting (IB). Voor de IB moet er namelijk sprake zijn van de verwachting dat er winst wordt behaald terwijl die eis voor de BTW niet geldt. De rechter heeft dit nogmaals bevestigd.

10 mei 2021 | Door redactie

Iemand is ondernemer voor de IB als diegene deelneemt aan het economisch verkeer met het doel daarmee winst te behalen. Deze winstverwachting is echter niet opgenomen in de definitie voor de belastingplicht voor de BTW. Iemand is dus al heel snel BTW-ondernemer. Maar bij het zijn van een ondernemer voor de IB komt meer kijken. Het zijn van een IB-ondernemer brengt ook fiscale voordelen met zich mee! In onderstaande zaak speelde deze kwestie.

BTW-ondernemer is ook IB-ondernemer?

Een man had een antiekwinkel en leed ieder jaar weer verlies. In 2008 was tijdens een boekenonderzoek de conclusie getrokken dat er was sprake van een onderneming voor de IB en BTW. Maar een aantal jaren later gaf de inspecteur aan dat hij van mening was dat er geen onderneming voor de IB werd gedreven. Er was namelijk nog geen jaar geweest waarin de man winst had gedraaid met zijn antiekwinkel. En in de toekomst was dit ook niet te verwachten. Vanaf 2015 was hij volgens de fiscus geen IB-ondernemer meer. De man ging in beroep voor de jaren 2016 en 2017 want hij vond dat hij met het zijn van een ondernemer voor de BTW ook voor de IB als ondernemer moest worden aangemerkt.

Geen bron van inkomen aanwezig

Hof Arnhem-Leeuwarden vond net als de rechtbank dat de man geen ondernemer voor de IB was. Er was geen bron van inkomen aanwezig omdat er geen objectieve voordeelsverwachting was. Er waren redelijkerwijs ook geen positieve zuivere opbrengsten te verwachten. De man moest zelf met bewijzen komen dat er wel positieve resultaten zouden gaan komen maar dat lukte hem niet. Zijn verweer dat hij als BTW-ondernemer ook IB-ondernemer was werd ook verworpen. Voor de BTW geldt namelijk niet de eis dat er voordeel of winst behaald moet worden. Een BTW-ondernemer is dus niet ook automatisch een IB-ondernemer. Het beroep werd dus verworpen.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 24 april 2021 (gepubliceerd 7 mei 2021), ECLI (verkort): 4157