Lagere opbouw van FOR in 2014

Het in één keer verhogen van de pensioenrichtleeftijd in 2014 naar 67 jaar heeft ook gevolgen voor de fiscale oudedagsreserve (FOR) en de aftrekruimte voor de lijfrente in de inkomstenbelasting. Ook deze regelingen om pensioen op te bouwen past de overheid aan, omdat u door de hogere pensioenrichtleeftijd elk jaar minder pensioen hoeft op te bouwen.

15 maart 2012 | Door redactie

In het bericht ‘Minder dotatie fiscale oudedagsreserve’ kon u al lezen wat de verhoging van de AOW-leeftijd betekent voor de oudedagsreserve en de aftrek van de lijfrente. In eerste instantie was het de bedoeling om de pensioenrichtleeftijd in 2013 te verhogen naar 66 jaar en in 2015 naar 67 jaar. Er is echter voor gekozen om de pensioenrichtleeftijd in één keer in 2014 te verhogen naar 67 jaar. Hierdoor was een aanpassing van het eerdere wetsvoorstel noodzakelijk.

Toevoegen aan de FOR

Met de FOR kunt u als ondernemer in de inkomstenbelasting pensioen opbouwen. Door de wijziging van de pensioenrichtleeftijd zal de leeftijd van 67 jaar bepalend zijn voor de opbouw van de FOR. Het opbouwpercentage zal hierdoor ook lager worden. Vanaf 1 januari 2014 mag u jaarlijks nog maximaal 11,2% van de winst aan de FOR toevoegen. Dit is een verlaging van 0,8% ten opzichte van het huidige opbouwpercentage van 12%.

Lijfrente opbouwen

Om eventuele pensioengaten op te vullen, heeft u de mogelijkheid om een lijfrente op te bouwen en de betreffende premie van uw inkomen af te trekken. De aftrek van lijfrente is echter wel aan een maximum gebonden. Jaarlijks kunt u slechts een bepaald percentage van de premiegrondslag in aftrek brengen. Op dit moment is dat percentage 17%, maar door de verhoging van de pensioenrichtleeftijd wordt dit verlaagd naar 15,8%. Deze verlaging gaat in vanaf 1 januari 2014. Daarnaast wijzigt ook de zogenoemde ‘factor A’ om de ruimte voor premieaftrek te berekenen. Het kabinet verlaagt deze factor van 7,5 naar 7.