Wat betekent het einde van de levensloopregeling voor mijn belastingen en toeslagen?

16 februari 2021

Door het einde van de levensloopregeling moet ik straks heel mijn levenslooptegoed tot mijn inkomen gaan rekenen. Dit zal neem ik aan consequenties hebben voor mijn toeslagen. Bestaat hiervoor een oplossing?

De levensloopregeling is officieel per 2012 afgeschaft. Maar door overgangsrecht kunnen werknemers die op 31 december 2011 een levensloopsaldo hadden van € 3.000 of meer nog gebruikmaken van de spaarfaciliteiten. Dit jaar eindigt de regeling echter definitief.

Vrijvallen levenslooptegoeden

Bij afloop van het overgangsrecht op 1 november 2021 vallen alle openstaande levenslooptegoeden vrij – er is dan sprake van een fictief genietingsmoment – waardoor de waarde in het economisch verkeer ervan moet worden belast. Hiermee komt de levensloopregeling definitief ten einde.

Op dit afrekenen wordt alleen een uitzondering gemaakt als u binnen de wettelijke grenzen uw levensloopaanspraak vóór 1 november 2021 omzet in een pensioenaanspraak. Spaarinstellingen zijn na 31 oktober 2021 inhoudingsplichtig gemaakt voor de afhandeling voor het vrijvallen van de tegoeden.

Gevolgen voor toeslagen

Het levenslooptegoed moet u dus opnemen als inkomen in uw aangifte IB. Uw inkomen wordt daardoor een stuk hoger. hierdoor kunt u bijvoorbeeld onder het hoge belastingtarief van 49,5% gaan vallen.

Maar het kan ook consequenties hebben voor uw toeslagen als u hiervoor in aanmerking komt. Dan zult u dus een flink bedrag aan toeslagen moeten gaan terugbetalen. Daarnaast zal er over het bedrag ook box 3-heffing verschuldigd zijn als u het bedrag niet opmaakt. Om het leed te verzachten is de kans groot dat u de inkomens over drie jaren wel kunt middelen.

Een echte oplossing is nog niet te noemen maar de kans is wel aanwezig dat door alle commotie de politiek nog met een tegemoetkoming zal komen.