Niet alleen grote inleners moeten betalen

Moet uw bv onder de inlenersaansprakelijkheid opdraaien voor de belastingschulden van een uitlener van arbeidskrachten? Let dan goed op dat de fiscus alle inleners aansprakelijk stelt. Laat de fiscus de kleine inleners vrijuit gaan, dan kunt u zich beroepen op het gelijkheidsbeginsel om onder de aansprakelijkheid uit te komen.

18 mei 2015 | Door redactie

In een recente zaak draaide het om X bv die door de ANWB was ingehuurd om een magazine te maken. Op zijn beurt huurde die bv weer een aantal werknemers van A bv in om de opdracht uit te kunnen voeren. Na een jaar trok de ANWB de opdracht weer in. Toen bleek dat A bv tijdens de inleenperiode te weinig btw en loonheffingen had afgedragen. A bv had in totaal 58 inleners, en de Belastingdienst besloot op basis van de inlenersaansprakelijkheid de openstaande belastingschuld bij hen te vorderen.

Niet alleen bij kleine inleners

Na onderzoek bleek dat er alleen maar geld te halen viel bij 35 inleners. De rest was intussen failliet of gestopt. Ook gingen een aantal inleners vrijuit omdat het bedrag dat de fiscus bij hen wilde vorderen lager was dan € 5.000, en dat zou op basis van een kosten-batenanalyse bij de fiscus niet rendabel zijn. X bv kreeg wel een naheffingsaanslag, maar stapte daarop naar de rechter. Daar betoogde de bv dat het gelijkheidsbeginsel was geschonden, aangezien alleen de grote inleners aansprakelijk waren gesteld. Het gerechtshof stelde bv in het gelijk. Een bedrag van € 5.000 is op zichzelf geen verwaarloosbaar bedrag en de fiscus had door deze grens de kleine inleners bevoordeeld. Volgens het gerechtshof kon de Belastingdienst niet overtuigend aantonen waarom dit in dit geval nodig was.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 7 mei 2015, ECLI (verkort): 3263