Inspectie SZW moet arboboetes matigen

De Raad van State heeft Inspectie SZW met succes gedwongen om in bepaalde gevallen de boetebedragen te matigen. Het gaat om boetes die de Inspectie oplegt aan werkgevers die zich niet aan de Arbowet houden. De Raad vindt het niet ‘fair’ dat een werkgever die zich inspant om aan de wet te voldoen, dezelfde boete krijgt als een werkgever die helemaal niets doet.

9 november 2015 | Door redactie

De Raad heeft aanpassing afgedwongen van de beleidsregels die Inspectie SZW hanteert om boetes in het kader van de Arbowet al dan niet te matigen. De kritiek van de Raad kwam aan het licht in een recente uitspraak. Hierin oordeelde deze instantie dat een werkgever ten onrechte een boete van € 18.000 had gekregen voor onveilig werken op hoogte. In de voorafgaande beroepszaak had de rechter ook al geoordeeld dat € 6.000 boete zou volstaan, maar tegen dit oordeel ging minister Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in hoger beroep. Is uw werkgever het niet eens met een boetebeschikking van Inspectie SZW, dan kan hij middels een bezwaarschrift (tool) bezwaar maken.

Inspanningen werkgever moeten meetellen bij hoogte boete

De werkgever kon aantonen dat zijn beleid in orde was: hij had op de dag van de overtreding alleen onvoldoende toezicht gehouden. De Staat voerde aan dat de werkgever op de bewuste dag de onveilige werkwijze had geaccepteerd. Volgens (toen nog) artikel 1 lid 11 van de Beleidsregel boeteoplegging arbeidsomstandighedenwetgeving zou dit al zijn andere inspanningen waardeloos maken. De Raad van State vond echter dat de inspanningen van de werkgever altijd moeten worden meegewogen. Het betreffende lid is nu ingetrokken met de bedoeling het snel te vervangen.
Raad van State, 8 juli 2015, ECLI (verkort): 2136